stimuleringsfonds creatieve industrie
duurzaamheidillustratiedef.jpg

Bouwen aan een duurzame samenwerking

24 juni 2019
Hoe inwoners beter kunnen worden bereikt en op democratische wijze actuele ruimtelijke en maatschappelijke opgaven kunnen worden aangepakt, is een vraag die veel gemeentes bezighoudt. In het ontwikkeltraject Anders werken aan stad, dorp en land biedt het Stimuleringsfonds Creatieve Industrie hen de gelegenheid om dit in samenwerking met ontwerpers en ervaren stadmakers te onderzoeken. We vroegen Linda Huijsmans twee artikelen te schrijven over de ervaringen van deelnemende gemeenten.
Nicole Rijkens is medeoprichter en -eigenaar van Pantopicon, een studio voor toekomstverkenning en ontwerp. Ze houdt zich bezig met de toekomst van de stad en is al jaren actief in het opzetten, begeleiden en evalueren van stadslabs. Namens het Stimuleringsfonds begeleidde Rijkens een aantal gemeentes binnen het Anders werken-traject. 'Elke gemeente heeft vragen opgesteld die ze beantwoord wilden zien. Tijdens de kick-offbijeenkomst werkten we al toe naar een “stadslab in a day”. In de bijeenkomsten die volgden hebben we gestructureerd gewerkt aan de leervragen, steeds in een andere gemeente. Het einddoel was om met iedere gemeente te komen tot een concreet uitgewerkt plan voor een stadslab.'

Rotterdam
Hoe kunnen we bewoners betrekken bij veranderprocessen in de gemeente en op een proactieve manier samenwerken? Met deze vraag meldde de gemeente Rotterdam zich aan voor het Anders werken-traject. Als adviseur bij de gemeente wist Eline van Weelden dat haar collega's bij het Cluster Stadsbeheer Rotterdam eraan gewend zijn dat hun werk zich aan het einde van de keten afspeelt. Van Weelden: 'Wij zijn verantwoordelijk voor het beheer en onderhoud van de openbare ruimte. De vraag die wij ons stelden was: hoe kunnen we ervoor zorgen dat we ook aan het begin van de keten terechtkomen? Zodat we daar al horen wat de bewoners en gebruikers willen?'

Voordat de gemeente met het ontwikkeltraject meedeed, werden al een jaar lang zogenaamde stad-ups georganiseerd. Via deze kleine, lokale experimenten probeerde de gemeente om bewoners te enthousiasmeren en te betrekken bij ontwikkelingen, hun ideeën te horen en hun talenten in te zetten. 'Op een middag zijn we bijvoorbeeld chocolademelk gaan uitdelen. Zo ontstonden op een laagdrempelige manier gesprekken waarin we op zoek gingen naar dromen en behoeften van bewoners.' Die reageerden erg onwennig. 'Ze vonden het eerst maar gek. Wij als gemeente zagen kansen, maar zij nog niet', vertelt Eline van Weelden.

Binnen het ontwikkeltraject gingen Van Weelden en haar collega's enthousiast aan de slag in Reyeroord, een zestiger jaren wijk in Rotterdam IJsselmonde. De komende tijd zal er het nodige onderhoud plaatsvinden. Bovendien krijgt de wijk net als de hele stad te maken met de energietransitie. Straten zullen opengaan, riolering zal worden vervangen en ook wordt er stadsverwarming aangelegd. Dat zijn grote ingrepen en Eline van Weelden en haar collega's willen de bewoners graag betrekken bij de vraag hoe de wijk er in de toekomst moet uitzien.
06.jpg

van elkaar leren
Voor Rotterdam en de andere gemeentes die ze begeleidde - Heusden, Meerssen en Schiedam - maakte Nicole Rijkens een gestructureerde, stapsgewijze opzet om toe te werken naar een stadslab. Zes kernbegrippen stonden hierin centraal: verwonderen, verbinden, verkennen, vernieuwen, verankeren en eindresultaat. Om inzicht te krijgen in elkaars problematiek en de mogelijke antwoorden, vond in elke gemeente een sessie plaats waaraan iedereen deelnam. Hierbij stonden de ochtenden steeds in het teken van de theorie die toe te passen is op de eigen stadslabs. In de middagen gingen alle gemeentes aan de slag met de casus van de gemeente waar ze die dag waren. Zo organiseerden Schiedam en Heusden een ontwerpwandeling en -fietstocht, en vond in Meerssen een mini-designsprint voor Eiland in de Geul plaats. Nicole Rijkens: 'In Schiedam zijn we samen door de wijk gaan lopen met een clipboard met foto's. De plaats waar een vervallen winkelcentrum stond was wit gemaakt en konden de deelnemers opnieuw ontwerpen. 's Middags kregen de deelnemers dertig inspiratiekaarten waarmee ze, op basis van wat ze hadden gezien, ideeën konden bedenken voor die locatie en voor de hele wijk.'

resultaat
In Reyeroord staat inmiddels een eerste uiting van het stadslab. De fysieke plek en de aanwezigheid van stadmakers, creatieven en gemeenteambtenaren vergroot de zichtbaarheid. Er worden workshops georganiseerd en gesprekken gevoerd met bewoners over hun dromen en wensen. Zo ligt er een groenstrook op de grens met een andere wijk, waar nu nog niet veel mee gebeurt. Het ophalen van ideeën voor de invulling van deze strook bij bewoners verliep aanvankelijk moeizaam. 'Veel mensen vinden het toch lastig om concrete ideeën te projecteren op een leeg vel papier', zegt Eline van Weelden. 'Bij één van de workshops hebben we daarom een tekenaar ingeschakeld die ideeën visualiseert terwijl mensen praten. Dan zien ze het opeens voor zich en zo komt het gesprek gemakkelijker op gang.'

Een van de eerste concrete projecten die daaruit kwam is het opknappen van een perk met verpieterde rododendrons, waar veel mensen zich aan ergerden. Van Weelden: 'Onze collega's van Stadsbeheer hebben die uit de grond gehaald, een van onze partners had nog bloemzaad over en onder begeleiding van het lokale werkproject Groen Service hebben we het perk samen met de bewoners opnieuw ingezaaid.' Ze voegt eraan toe dat juist zo'n op het oog kleinschalige actie belangrijk kan zijn om vertrouwen op te bouwen en verandering zichtbaar te maken. 'Dat vormt de basis voor de grotere opgaven van co-creatie.'

Een belangrijke les die Eline van Weelden en haar collega's uit het hele traject hebben getrokken is om eerst naar de bewoners te luisteren: 'En niet, zoals we gewend zijn, eerst zelf een plan op te stellen en hen dan pas te vragen wat ze ervan vinden. Omgekeerd maken bewoners ook kennis met de manier waarop de gemeente werkt en denkt en met de grenzen waar ambtenaren op hun beurt tegenaan lopen.' De rol van haar team ten opzichte van de gemeente omschrijft Van Weelden als die van een klein verkenningsscheepje, dat uitvaart voor de olietanker die de gemeentelijke organisatie is. 'Wij zijn wendbaar en kunnen nieuwe routes ontdekken, maar het is belangrijk om altijd contact met elkaar te blijven houden. De een kan namelijk niet zonder de ander.'

leefomgevingillustratie2.jpg

ook anders werken
Wilt u samen met uw partners ook op innovatieve wijze aan de slag met opgaves die spelen in uw gemeente? In oktober 2019 start een tweede editie van het ontwikkeltraject Anders werken aan stad, dorp en land. Meld uw gemeente hiervoor uiterlijk 9 september 2019 aan.

Alvast beginnen met anders werken? Zorg dan in elk geval voor het volgende:

Trek niet alleen creatieven van buiten aan, maar kijk ook binnen je eigen (gemeentelijke) organisatie welke creatieve denkers je al aan boord hebt. Bij de complexe opgaven waar gemeenten voor staan kunnen zij met oorspronkelijke en vernieuwende oplossingen komen.
Speel je met de gedachte een stadslab op te richten, ga het dan gewoon doen. Er is niet één recept voor een stadslab. Je weet pas wat die voor jouw situatie kan betekenen als je het gaat proberen.
Zoek de balans tussen dingen op een heel andere manier doen en het borgen van die nieuwe aanpak in je organisatie.

Lees ook:
Samen werken aan de leefomgeving
Leren van anders werken
Anders blíjven werken

Illustraties: Quinda Verheul