stimuleringsfonds creatieve industrie
dummy
Terugblik Digitale cultuur @ Stimuleringsfonds
DigitaleCultuur8juni.jpg

Terugblik Digitale cultuur @ Stimuleringsfonds

21 juli 2016

Op woensdag 8 juni organiseerde het Stimuleringsfonds Creatieve Industrie een publieke bijeenkomst rondom digitale cultuur in Het Huis Utrecht. Doel van de bijeenkomst was om samen met het veld vooruit te kijken naar de nieuwe cultuurplanperiode 2017-2020. Wat zijn de actuele ontwikkelingen en hoe sluiten de regelingen en programma's van het fonds hierbij aan?
Voor een volle zaal trapte directeur-bestuurder Janny Rodermond de bijeenkomst af met de constatering dat het werkterrein e-cultuur opvalt als een vitale sector, ondanks de bezuinigingen op cultuur vier jaar geleden. In januari 2013 startte het Stimuleringsfonds Creatieve Industrie in opdracht van het ministerie van OCW een subsidieprogramma voor e-cultuur. Niet eerder hadden makers of denkers die werken op het snijvlak van cultuur, technologie en maatschappij zo direct toegang tot een subsidieregeling voor projecten bij een van de rijkscultuurfondsen. Anderhalf jaar later, in april 2014 maakte het Stimuleringsfonds met een eerste bijeenkomst de balans op. Rodermond herinnert zich de semantische discussie toen, die uitmondde in een 'vermoeden van e-cultuur'.

Digitale cultuur
De sector blijft zich ontwikkelen. De discussie over afbakening en een 'vermoeden van e-cultuur' is nog steeds van belang. Maar de meeste kritische geluiden van vier jaar geleden, op de transfer van kunst naar creatieve industrie waar e-cultuur tot laatstgenoemde werd toegewezen, zijn evenwel verstomd. Het veld is bekend geraakt met het fonds en de subsidiemogelijkheden. Ook de angst voor het utiliteitsdenken met nadruk op de industrie, is grotendeels ongegrond gebleken. Bij het fonds gaat het altijd om het stimuleren van cultuur in onderzoek, experiment en projecten. Om dat te benadrukken, gaat vanaf de nieuwe cultuurplanperiode de regeling verder onder de naam Digitale cultuur. Deze term bedrukt beter het inclusieve karakter van de subsidieregeling. Het fonds hoopt met de nieuwe naam nieuwe generaties makers aan te spreken die zich niet vanzelfsprekend herkennen in de term e-cultuur. Ook wil het fonds de sector beter internationaal profileren en wil het nadrukkelijk een opening bieden richting de game-industrie en makers die werkzaam zijn in de media, die met het wegvallen van het Mediafonds in 2017 een belangrijk aanspreekpunt verliezen.

Parallelle deelsessies
Na vier projectpresentaties van Driessens en Verstappen, Monobanda, Floris Kaayk en Matthias Oostrik, die de breedte illustreren van de Deelregeling E-cultuur, ging het publiek uiteen in verschillende deelsessies op het gebied van onderzoek, digital storytelling, games, platforms en podiumkunsten.

De deelnemers werden bevraagd welke rol het fonds de komende jaren kan spelen om het werkterrein tot grotere hoogte te brengen. De gespreksleiders kregen een aantal overkoepelende vragen mee. Wat zijn de belangrijkste actuele ontwikkelingen op het terrein van digitale cultuur in relatie tot games, storytelling, onderzoek, infrastructuur/platforms of podiumkunsten? En wat zijn de verwachtingen rondom dit specifiek deelgebied en hoe kan het Stimuleringsfonds inspelen op deze ontwikkelingen in de uitvoering van de subsidieregelingen, programma's en communicatie? De gespreksleiders per sessie waren Sacha van Tongeren, Paulien Dresscher, Adriaan de Jongh, Klaas Kuitenbrouwer en Joris Weijdom.
bijeenkomstdigitalecultuur.jpg
Joris van Ballegooijen, Margriet Schavemaker en Tijmen Schep voor een volle zaal. Foto: Mohamed Najah

Kennisdeling
Een diverse samenstelling van deelnemers en uiteenlopende onderwerpen impliceert geheid een verscheidenheid aan input. Echter, een aantal terugkerende thema's kwamen in meerdere sessies aan bod. Zo werd het belang van kennisdeling en -overdracht benadrukt in alle deelsessies. Het vakgebied hecht waarde aan (fysieke) plekken waar kennis bewaard en gedeeld wordt. Platforms, festivals, werkplaatsen, labs en makerspaces spelen binnen deze context een cruciale rol aangezien experiment, onderzoek en ontwikkeling hier vooropstaat. Dergelijke plekken geven makers, ontwerpers en ontwikkelaars de mogelijkheid kennis over een product en/of proces onderling te delen, over te dragen op een jonge nieuwe generatie of te koppelen met onderwijsinstellingen en de markt. Daarnaast kwam, met name in de deelsessies 'games' en 'storytelling', het belang van kennisdeling naar voren op gebied van marketing, PR en distributie. Voor veel makers blijft dit een pijnpunt binnen hun artistieke praktijk.

Experiment
Een ander terugkerend thema was het resultaatgerichte karakter van subsidieaanvragen, en daardoor het vakgebied in het algemeen. Wil men onderzoek stimuleren en het vakgebied vernieuwen, dan moet er meer ruimte zijn om te experimenteren en te falen zonder alleen oog te hebben voor resultaten.

Het publiek merkte op dat subsidies bij voorkeur worden verleend aan eindproducten in plaats van ontwikkelingsfases, wat spanning veroorzaakt door de inherente exploratieve aard van artistiek werk. Enige geluiden uit de zaal gaven echter aan dat het Stimuleringsfonds hierin een voortrekkersrol speelt. Het fonds verleent immers regelmatig startsubsidies ter ontwikkeling van een maker of project of projectsubsidies waar onderzoek vooropstaat. De regeling Talentontwikkeling voorziet een budget voor pas afgestudeerde makers ten behoeve van eigen ontwikkeling, het ontwikkelen van kennis op het gebied van praktijkontwikkeling en een eindpresentatie.

Daarbij benadrukte het publiek in nagenoeg alle deelsessies de waarde van ruimte om te mislukken en experimenteren, projecten met open eindes en onderzoeksprocessen met een hoog risico. Het Stimuleringsfonds stelde dat doelstellingen zoals onder andere onderzoek en experiment in de volgende cultuurplanperiode 2017-2020 wordt opgenomen in het beleidsplan van het fonds.

In de deelsessie 'podiumkunsten' opperden de deelnemers dat uitgerekend een fonds durfkapitaal moet hebben, en experimenten en onderzoeken waarbij de uitkomst onzeker is, moet financieren. Ook in de game-industrie stootte men op het obstakel dat bedrijven en afnemers niet genoeg risico's durven nemen bij de ontwikkeling van artistieke games. Tenslotte kwam de looptijd van 24 maanden van een project ter sprake als een hindernis in de sessie 'platforms'. Sommige onderzoeken nemen nu eenmaal meer tijd in beslag, meenden de deelnemers.

Educatie
De vraag naar nauwere samenwerkingsverbanden tussen onderwijsinstellingen en het fonds bleek groot. Volgens het publiek liggen hier nog veel kansen om kennis uit te wisselen wat een verdere ontwikkeling voor beide sectoren kan impliceren. Het Stimuleringsfonds kan echter op formele gronden geen educatieve projecten ondersteunen. Daarbij is het budget van het fonds beperkt toereikend om subsidies te verlenen aan projecten in kader van een opleiding. Dit behoort niet tot de kerntaken van het fonds. Het publiek reageerde hierop terughoudend en merkte op dat bijgevolg een potentieel deel aanvragers tussen wal en schip valt.

Afronding
Na afloop van de sessies koppelden de gespreksleiders de belangrijkste conclusies terug aan het publiek. De betrokkenheid van de deelnemers bij ieder onderwerp was groot, evenals de feedback. De verscheidenheid aan invalshoeken en disciplines tonen de breedte van het werkterrein digitale cultuur, wat onder de deelnemers als sterkte werd beschouwd. Tijmen Schep sloot de dag af met een eindreflectie waarin hij nogmaals het belang, de potentie en de vitaliteit van de sector benadrukte.

Het Stimuleringsfonds Creatieve Industrie organiseert tweejaarlijks een publieke evaluatie. De volgende editie staat gepland voor 2018. Volg het nieuws over digitale cultuur bij het Stimuleringsfonds en meld je aan voor de nieuwsbrief.

Videoregistratie

Deel 1: Inleiding door Janny Rodermond; Projectpresentaties door Floris Kaayk, Matthias Oostrik, Driessens en Verstappen en Monobanda; Reflectie door Tijmen Schep.

Deel 2: Terugkoppeling van de deelsessies; Rondvraag en afsluitende reflectie door Joris van Ballegooijen, Margriet Schavemaker en Tijmen Schep.

meer nieuws

jefmontes.jpg

Terugblik rondes Vormgeving: wat maakt een project van meerwaarde?

13 maart 2019

Waar letten de adviseurs op en wat vinden ze belangrijk in een voorstel? Deze terugblik op de laatste rondes Vormgeving gebruiken we om een aantal aspecten uit projectaanvragen te belichten die de commissie belangrijk vindt om terug te lezen in een projectplan. Wat waren de sterke punten van de gehonoreerde projecten van de laatste rondes Vormgeving? En wat kun je daarvan leren als je zelf een aanvraag wilt schrijven?
Hieronder 8 voorbeelden met de bevindingen van de commissie.

wat betekent het project voor je praktijk?
Jef Montes vraagt aan voor een materiaal- en technisch onderzoek als onderdeel van de ontwikkeling van zijn nieuwe modecollectie Marinero met innovatieve materialen en toepassingen. In het voorstel omschrijft hij heel precies wat hij gaat doen, welke partners en kennis hij inzet en wat deze stap in het traject concreet gaat betekenen voor de verdere ontwikkeling van de collectie. Door deze specifieke en goed uitgedachte opzet krijgt de commissie inzage in het beoogde resultaat. Met de subsidie krijgt Montes ruimte om een bijzonder onderzoek te verrichten, waarvan de resultaten zijn collectie zullen verrijken. De commissie verwacht dat Jef Montes met een subsidie voor dit onderdeel een nieuwe stap in zijn praktijk kan zetten.

welke bijzondere bijdrage lever jij aan je vakgebied?
De commissie vindt het een gewaagd voorstel van modecollectief Das Leben am Haverkamp om onderzoek te doen naar nieuwe definities en de positionering van modepraktijken, zoals hun eigen praktijk die niet gericht is op de verkoop van kleding. Om kennis te verzamelen nodigt het collectief bijvoorbeeld verschillende experts uit op een atelierbezoek. De uitkomsten van deze gesprekken worden vertaald naar een methodiek voor andere modepraktijken. De commissie vindt dat het collectief hun eigen praktijk goed weet te positioneren binnen het ontwerpveld en dat ze goed reflecteren op de betekenis van mode. De commissie verwacht dat hun scherpe analyse en onderzoek veel kan bijdragen aan de verdere ontwikkeling van de praktijk van het collectief zelf én aan die van anderen.

welke nieuwe stap maak je in je praktijk?
Scenograaf en kostuumontwerper Joost van Wijmen wil zijn observaties over het lichaamsbewustzijn, zichtbaar maken met het project 'ENCOUNTER'. Dit praktijkgerichte onderzoekstraject gaat over het ervaren van fysiek contact door middel van performatief werk. Hij gebruikt hiervoor elementen uit zijn praktijk als kostuumontwerper en werkwijze als scenograaf, zoals beeldtaal. Van Wijmen probeert 'ENCOUNTER' te laten doorgroeien en wil designonderzoek inzetten in andere domeinen, zoals de zorg, waarin het lichaam centraal staat. De startsubsidie gebruikt hij voor het analyseren van het project en voor het delen van de resultaten met partners en andere belanghebbenden. In dit voorstel ziet de commissie een bijzondere stap van een ontwerper die vanuit een heel persoonlijke aanpak tot een breder inzetbare methode komt binnen een actueel thema. De subsidie zal hem helpen zijn positie ten opzichte van de partners uit andere domeinen te versterken en daarmee ook een weg te banen voor andere ontwerpers.
encounter.jpg
Joost van Wijmen, ENCOUNTER

welke bijzondere positie neem je in?
De commissie noemt het portfolio van social designer, communication designer en tandarts Kuang-Yi Ku (Studio Ku) bijzonder en eigenzinnig. Ook het voorstel voor 'Millenium Ginseng Project' vindt ze intrigerend. Kuang-Yi Ku ontwikkelt een futuristisch agricultureel systeem om ginseng onder extreme omstandigheden te cultiveren. Het project heeft als doel om bedreigde plantsoorten te beschermen en traditionele, Aziatische geneeskunst als erfgoed te behouden. De commissie waardeert hoe Kuang-Yi Ku nieuwe interdisciplinaire onderzoeksmethodes ontwikkelt waarin ontwerp en wetenschap worden verbonden. In dit voorstel zag ze de diverse kwaliteiten van Kuang-Yi Ku samenkomen.

wat maakt jouw project urgent?
Commonplace Studio werkt in samenwerking met het Kunstgewerbemuseum in Dresden aan een onderzoek naar manieren om ontwerp in te zetten voor een nieuwe, meer maatschappelijke rol van musea en een nieuw, relevant narratief over de geschiedenis van toegepaste kunst. Hiervoor ontwerpen ze nieuwe digitale media die flexibel en sensitief kunnen worden ingezet om een meer actueel en agenderend verhaal te vertellen bij de vaste collectie van het museum. De commissie ziet in het vinden van nieuwe vormen in het vertellen van verhalen over ontwerp en toegepaste kunst een urgente opgave. Ze verwacht dat het onderzoek hiervoor belangrijke informatie kan opleveren.

voor musea en instellingen
In de gehonoreerde projecten van instellingen en musea zien we terug hoe ontwerpers worden ingezet om een tentoonstelling waarin het ontwerp centraal staat meerwaarde te geven.

Voor de tentoonstelling 'Familie' van het Stedelijk Museum Schiedam is ontwerper Manon van Hoeckel gevraagd onderzoek te verrichten en een project op te zetten om diverse, Schiedamse families met elkaar in contact te brengen. Uiteindelijk leidde het onderzoek tot het inrichten van een kapperszaak in het museum waar bezoekers gratis geknipt kunnen worden en in gesprek gaan met andere bezoekers. 'Kappers hebben een belangrijke sociale rol in de maatschappij, ze bieden een luisterend oor en geven ruimte voor gesprek en ontmoeting met “de ander”.' De commissie ziet in de rol van Manon van Hoeckel een onderscheidende bijdrage voor het publieksbereik van de tentoonstelling.

In de aanvraag van het Amsterdam Museum voor 'Fashion Statements', een tentoonstelling met randprogramma over mode, identiteit en statements van vroeger en nu, waardeert de commissie de betrokkenheid van de curator en ontwerpers in de samenstelling van het tentoonstellingsprogramma. Acht eigentijdse modeontwerpers zijn uitgenodigd om te reageren op mode-statements van vroeger en tonen hoe deze uitingen in hun eigen ontwerppraktijk een rol spelen. De commissie was positief over de wijze waarop de ontwerpers vanuit eigen ervaringen reflecteren op thema's als identiteit en diversiteit. Vanaf 18 april te zien in het Amsterdam Museum.

In het onderzoeksproject 'Ghosts' van [email protected] waardeerde de commissie de focus op makers, ambachtslieden en de werkplaats. Vijftig werken die in de afgelopen vijftig jaar in het werkcentrum zijn gemaakt zijn geselecteerd door designhistoricus en-criticus Glenn Adamson. Deze selectie representeert verschillende aspecten van en spanningen tussen vakmanschap, techniek, experiment, mislukking, innovatie en ontwerpkwaliteit. De witte reproducties van de werken, die tot stand zijn gekomen met nieuwe digitale technieken, vormen een reflectie op vijftig jaar maken, experimenteren en innoveren met keramiek. De commissie is van mening dat deze opzet relevante, nieuwe inzichten in techniek en ontwikkelingen voor het vakgebied oplevert. Het resultaat van het project is nog tot en met 19 mei te zien in het Design Museum Den Bosch.

ginsengprojectweb.jpg
Kuang-Yi Ku (Studio Ku), Millenium Ginseng Project

deadlines 2019
De volgende sluitingsdata voor de Deelregeling Vormgeving in 2019 zijn 27 maart, 5 juni, 14 augustus en 16 oktober. Het totaal beschikbare budget voor 2019 is € 1.200.000.


Foto bovenaan: Jef Montes, Marinero

3ydagysicopy2.jpeg

Interview Suzanne Oude Hengel | Innovatie in textiel

13 maart 2019

Suzanne Oude Hengel studeerde Product Design aan ArtEZ Arnhem. Via haar Instagramaccount houdt ze ruim vijfduizend volgers op de hoogte van haar schoenontwerpen die teleurstellend genoeg niet te koop zijn. Ondertussen ontwikkelt ze zich op meerdere vlakken, werkt ze internationaal samen met grote merken als Timberland en Rothy's en geeft ze haar eigen praktijk steeds meer vorm.
Materiaalonderzoek speelt de hoofdrol in het werk van Suzanne Oude Hengel. Als schoen en textielontwerper richt ze zich op het combineren van (brei)technieken, industriële productie en digitale ontwerpmethodes. Suzanne: “Dat ik me concentreer op schoenen is eigenlijk intuïtief gegaan. Ik ontwikkel materialen, dat deed ik al tijdens mijn opleiding. Toen de focus steeds meer op textiel kwam te liggen, wilde ik dat functioneel inzetten. Ik richt me op innovatie en wil graag de toepassingen in textiel veranderen. Schoenen zijn dan heel interessant vanwege de schaal en omdat het ontwerp veel restricties met zich meebrengt. Niet alleen moet een schoen namelijk goed om je voet passen, ook moet hij op de juiste punten steun bieden en van hoge kwaliteit zijn.”

kennis
Suzanne ziet zichzelf niet puur als ontwerper, maar beschouwt zichzelf evenzeer als technicus. Om haar kennis op technisch gebied te ontwikkelen, werkt ze een aantal uur in de week in het TextielLab in Tilburg. “Het TextielLab is een hele waardevolle plek voor mij, maar ook voor veel andere ontwerpers. Ik ben er gaan werken nadat ik er stage liep. Ik bedien en repareer de breimachines, leer programmeren en ben een ambassadeur voor het breien naar de bezoekers toe. Bovendien is er ruimte voor eigen experiment en kennisontwikkeling.”
suzanneoudehengelbymashabakker9237copy.jpg
Foto: Masha Bakker

doelgericht
'Naast mijn eigen onderzoek en het werk bij TextielLab werk ik vrij vaak in opdracht van grote merken. Ze vragen me om nieuwe producten te ontwikkelen of onderzoek voor hen op te zetten. Ik benader niemand, maar via Instagram weten mensen mij sinds mijn afstuderen de afgelopen drie jaar goed te vinden.' Gedurende die drie jaar heeft Suzanne ook steeds meer haar eigen koers bepaald en dat vergt soms moed. Zo wees ze een aantal mooie aanbiedingen van grote merken af. 'Natuurlijk geeft een baan zekerheid en voel je je vereerd door zo'n vraag. Maar een eigen bedrijf opbouwen vind ik aantrekkelijker. Ik werk aan zoveel leuke projecten en het lukt.', legt Suzanne uit.

advies
Om zoveel mogelijk tijd in haar onderzoek te steken en meer vaart te zetten achter de opbouw van haar eigen praktijk vroeg Suzanne een talentontwikkelingsbeurs aan bij het Stimuleringsfonds Creatieve Industrie. En om wat ondersteuning te krijgen in de samenwerkingsprojecten met grote bedrijven werd ze lid van de BNO. 'Als je met grote, internationaal opererende bedrijven gaat samenwerken, krijg je ineens te maken met geheimhoudingsovereenkomsten en belastingstelsels van andere landen. Door de werkbeurs van het Stimuleringsfonds kan ik investeren in mijn eigen ontwikkeling en de opbouw van mijn bedrijf een impuls geven. De beurs geeft me ruimte om te werken aan mijn zichtbaarheid en netwerk. In vakinhoudelijk opzicht heb ik me het afgelopen jaar verdiept in de software van vlakbreimachines en heel veel materiaalonderzoek gedaan. Toen ik de beurs aanvroeg, heb ik op het ontwikkelplan dat daarvoor moet worden geschreven wel wat feedback gevraagd aan anderen. Daar moet je niet te terughoudend in zijn en kun je heel veel aan hebben. Ik vond het belangrijk om dicht bij mezelf te blijven en op te schrijven wat ik echt wilde. Ik weet van anderen dat ze weleens een drempel voelen bij het aanvragen van een dergelijke beurs. Maar dat is helemaal niet nodig. Er komt altijd weer een nieuwe kans.'

De volgende stap in de opbouw van haar eigen praktijk is in zicht. Suzanne is in gesprek om haar studio samen te voegen met die van een ander en haar werk op die manier groter op te zetten. Ze wil zich nog meer profileren als hybride ontwerper en zich op technisch gebied ontwikkelen. Doel blijft om alle facetten van textiel te belichten, zowel functioneel als technisch.

suzanneoudehengelbymashabakker9308web.jpg
Foto: Masha Bakker

Wil je meer weten over de beurs Talentontwikkeling van het Stimuleringsfonds Creatieve Industrie kijk dan hier. Ben je benieuwd wie er de afgelopen jaren allemaal ondersteuning kregen via de Deelregeling Talentontwikkeling? Platform Talent geeft een overzicht van alle ondersteunde ont-werpers en makers.

Dit interview is het laatste uit een reeks van drie. Eerder interviewden we talenten Marjan van Aubel en Koos Breen.

danielernstweb.jpg

Zes showcases op South by Southwest 2019

13 maart 2019

Op vrijdag 8 maart ging het jaarlijkse showcase festival South by Southwest (SXSW) van start in Austin, Texas. Traditioneel opent het festival met het technologie- en film programma, waarna de stad compleet wordt overgenomen door de muziekindustrie. Zes makers uit verschillende disciplines van de creatieve industrie ontvingen van het Stimuleringsfonds Creatieve Industrie een voucher ter ondersteuning van hun deelname.
De open oproep voor vouchers stond in verband met de uiteenlopende inschrijfdata voor SXSW open vanaf het voorjaar van 2018. Een bevestiging van deelname in een van de vooraf aangemerkte officiële tracks was de belangrijkste voorwaarde om in aanmerking te komen voor ondersteuning vanuit het fonds.

De ondersteunde makers zijn:
• Killing Architects – Migration Trail, (Panel binnen interactive conferentie)
• Aiwen Yin – Reimagine Families, (Panel binnen interactive conferentie)
• Daniël Ernst – Diorama no. 4: Die Fernweh Oper (Virtual Cinema Expo)
• CIRCUS FAMILY – Installation (SXSW Art Program)
• Wendela Scheltema – Ahorse! (Virtual Cinema Expo)
• P'tites Madeleines Productions – INCITEMENT (Virtual Cinema Expo)

Het is goed om te zien dat drie van de zes projecten een geschiedenis hebben met het Stimuleringsfonds. Alison Killing ontving een bijdrage voor haar project 'Migration Watch' vanuit de Non-Fictie Transmediaregeling. Het onderzoek van Aiwen Yin werd eerder ondersteund in de regeling Digitale cultuur en de eerste versie van 'Die Fernweh Oper' van Daniël Ernst werd in 2016 ontwikkeld na een gezamenlijke bijdrage van het Stimuleringsfonds en het Letterenfonds.

Nieuw in het programma dit jaar was de Virtual Cinema Expo, geheel gericht op VR en 360-graden film producties. Met projecten van Daniël Ernst, Wendela Scheltema en P'tites Madeleines Productions was Nederland goed vertegenwoordigd op dit onderdeel.

Circus Family testte een nieuw werk met als werktitel 'Lighthouse' in de openbare ruimte. Eerdere deelname aan SXSW bleek voor hen een perfecte springplank voor een reeks tentoonstellingen in de Verenigde Staten.
circusfamily.jpg
CIRCUS FAMILY

Foto bovenaan: Daniël Ernst, Diorama no. 4: Die Fernweh Oper

nederlandveranderdt170.jpg

KEER gaat het land in

13 maart 2019

Als onderdeel van Maak Utrecht Groener is vanaf deze week in het stadskantoor van Utrecht KEER te zien. Deze tentoonstelling van het Stimuleringsfonds over de resultaten van het Erfgoed & Ruimte Ontwerpprogramma laat zien waarom kennis van ontwerpers en erfgoedspecialisten essentieel is bij het ruimtelijk en bestuurlijk vormgeven van transitievraagstukken op het gebied van klimaat en energie.
De geschiedenis leert dat een integrale aanpak van dit soort grote maatschappelijke opgaven loont en dat samenwerking daarin de sleutel vormt. Het is daarom van belang lokale en regionale initiatieven met elkaar te verbinden, kennis uit te wisselen en van elkaar te leren. Ook is het belangrijk dat deze initiatieven zich gesteund zien. Een sterke overheid die regie neemt over het veranderingsproces, visie uitdraagt en duidelijke doelen stelt, helpt daarbij. Alleen dan kan een zo groot mogelijk draagvlak voor de ruimtelijke implicaties van deze transitieopgaven worden gecreëerd.

roadshow en debatprogramma
Om de resultaten en inzichten uit het ontwerpprogramma breder uit te dragen zal KEER na Utrecht later dit jaar ook Rotterdam, Maastricht, Amsterdam, Arnhem, Den Haag en Eindhoven aandoen. In samenwerking met Vereniging Deltametropool wordt de tentoonstelling gekoppeld aan een debatprogramma en vinden er in iedere stad debatavonden plaats.

Het eerste publieke debat uit deze reeks vindt op donderdag 4 april plaats in Utrecht. De debatreeks wordt komend najaar afgesloten met de presentatie van een gezamenlijk pleidooi voor meer visie en regie vanuit de Rijksoverheid en bouwstenen voor regionale samenwerking.

Uitdagingen en inzichten uit het Erfgoed & Ruimte Ontwerpprogramma worden in een lokale context geplaatst met als doel ze verder aan te scherpen en inspiratie te bieden voor ruimtelijk beleid. Tegelijkertijd worden uitdagingen, dilemma's en bouwstenen voor lokale en regionale samenwerking op deze manier in beeld gebracht en naar het nationale schaalniveau vertaald. Het Stimuleringsfonds wil zo het brede publiek meer bewust maken van de kansen en urgenties van deze opgaven en ontwerpers, bestuurders en beleidsmakers inspireren bij het opstellen van omgevingsvisies en regionale klimaat- en energiestrategieën.

achtergrond
In 2017 lanceerde het Stimuleringsfonds Creatieve Industrie het Erfgoed & Ruimte Ontwerpprogramma. Doel van het programma, dat in opdracht van de ministeries OCW en BZK in samenwerking met de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed door het Stimuleringsfonds is ontwikkeld, was een toekomstgerichte benadering van het Nederlandse cultuurlandschap en een duurzame ontwikkeling van onze dagelijkse leefomgeving. Twee specifieke thema's stonden centraal: 'Energietransitie in het landschap' en 'Klimaatadaptatie in de stad'. Hoe kunnen deze opgaven van hoge urgentie behalve een aanleiding om onze leefomgeving te veranderen, ook een kans zijn om een kwaliteitsslag te geven aan het Nederland van morgen? Gedurende twee jaar werkten verschillende teams aan zestien onderzoeksprojecten met ons erfgoed als drager. Het ontwerpprogramma werd eind 2018 afgerond. De resultaten van het tweejarig stimuleringsprogramma zijn onder de noemer KEER in samenwerking met Vereniging Deltametropool naar buiten gebracht.
nederlandveranderdt188.jpg

Foto's: Aad Hoogendoorn tijdens conferentie Nederland veranderd/t

literatuurophetschermweb.jpg

10 apr: Presentatie Literatuur op het scherm

6 maart 2019

Op woensdag 10 april 2019 presenteren drie teams hun prototype dat ze het afgelopen jaar binnen het programma Literatuur op het Scherm hebben ontwikkeld. Naast de projectpresentaties zijn er bijdragen van Michel Reilhac, interactive story architect en Miriam Rasch, schrijfster en onderzoeker bij het Instituut voor Netwerkcultuur.
datum: Woensdag 10 april 2019
tijd: 14.00 - 17.00 uur, aansluitend borrel
locatie: Spring House, De Ruijterkade 128, Amsterdam

teams
Ping Pong
Kumi Hiroi (grafisch ontwerp), Anneke Hymmen (fotograaf), Basje Boer (auteur), van Leeuwen & van Leeuwen (interactieontwerp)

Lijn 3
International Silence: Twan Janssen en Johannes Verwoerd (ontwerp), Lieke Marsman (auteur)

Een hele echte
Marjolijn Ruyg (interactieontwerp), Arjan Scherpenisse (programmeur), Dirk van Weelden (auteur)

Literatuur op het Scherm
Literatuur op het Scherm is een programma waarin auteurs samen met (interactie)ontwerpers, makers en programmeurs, literaire of poëtische producties ontwikkelen voor het digitale domein. Met Literatuur op het Scherm willen het Nederlands Letterenfonds en het Stimuleringsfonds Creatieve Industrie talentontwikkeling, samenwerking en kennisuitwisseling tussen verschillende disciplines versterken.

aanmelden
Meld u hier aan voor woensdag 10 april!
loader

het fonds

subsidies

actueel

loader
loader
loader