stimuleringsfonds creatieve industrie
dummy
Selectie Open Oproep Stadslabs - anders werken aan urgente opgaven
OpenOproepStadslabs20153.jpg

Selectie Open Oproep Stadslabs - anders werken aan urgente opgaven

13 januari 2016

In oktober 2015 schreef het Stimuleringsfonds Creatieve Industrie voor het tweede achtereenvolgende jaar een Open Oproep uit gericht op Stadslabs. Onder de titel 'Anders werken aan urgente opgaven' werden initiatiefnemers van stadslabs, living labs, ateliers en andere samenwerkingsverbanden uitgenodigd om voorstellen in te dienen voor het opzetten, dan wel doorontwikkelen en professionaliseren, van lokaal verankerde werkvormen, waarin zowel traditionele als nieuwe stadmakers op vernieuwende wijze samen aan oplossingen voor urgente ruimtelijke opgaven werken.
De oproep werd in het kader van de Actieagenda Architectuur en Ruimtelijk Ontwerp (AARO) uitgeschreven en leverde in totaal 88 voorstellen op; qua omvang een vergelijkbaar aantal inzendingen met de voorgaande Open Oproep, waarbij 89 voorstellen werden ingediend. Onder de inzendingen bevonden zich ook 10 voorstellen van labs die bij de vorige oproep zijn ondersteund. Voor de beoordeling van deze voorstellen was het van belang dat een duidelijke doorontwikkeling werd omschreven, die van waarde is voor het kennisnetwerk dat rondom de stadslabs wordt opgebouwd.

De ingezonden voorstellen zijn ter advies voorgelegd aan twee externe deskundigen: Pieter Klomp, Afdelingshoofd Ruimte en Duurzaamheid DRO Amsterdam, en Saskia Beer, ZO!City en oprichter Glamourmanifest. Zij hebben alle voorstellen doorgenomen en besproken, waarna zij in twee beoordelingsrondes tot een mooie selectie zijn gekomen.

Selectie voorstellen
De commissie kwam tot een selectie van 14 voorstellen, die zij boven de andere inzendingen heeft verkozen. In 5 gevallen betreft het een verdere doorontwikkeling van reeds eerder door het fonds ondersteunde stadslabs. Bij een groot aantal van de geselecteerde voorstellen zijn aandachtspunten en aanbevelingen voor de verdere ontwikkeling van de stadslabs geformuleerd, deze zijn opgenomen in de beschikkingen die per post zijn verstuurd. In januari zal hierover met alle geselecteerde inzenders individueel contact worden opgenomen.

De selectie is als volgt:

Vervolgprojecten:
Rotterdam: Coöperatie STEK u.a. - Stadslab Luchtkwaliteit
Dordrecht: Stichting Platform Duurzaamheid Dordrecht - Water in de Dordtse ruimte 2.0
Maastricht: Gemeente Maastricht - Maastricht LAB 2016
Roermond: Stadslab Roermond - Het stadslab-denken: onderzoek in outrospectief
Nijmegen: Maatschap Lentekracht - Stadslab Nijmegen 2016
Nieuwe projecten:
Amsterdam: Stichting Gastvrij Amsterdam - MAKE ROOM
Haarlem: Atelier Oostwaarts - Stent in Oost!
Rotterdam: Stichting KOOL - Stadslab Baankwartier
Utrecht: Stichting De Vechtclub - Herontwikkeling OPG-terrein
Leiden: Stadslab Leiden - Stadssessies Leiden
Den Bosch: Studio Strak Plan - Aan de Buurt: De Zuiderpassage
Apeldoorn: Stichting Energiefabriek Apeldoorn - Xyleem
Breda: Stadslab Breda - Stadslab Breda
Gouda: Stichting GOUDasfalt - Bestemmen met burgers

Daarnaast hebben de adviseurs een positief advies afgegeven over een voorstel uit België. Dit voorstel kon alleen niet vanuit het op Nederland gerichte AARO programma worden ondersteund en ontvangt een subsidie op basis van de Deelregeling Architectuur. Dit stadslab wordt wel aan het kennisnetwerk toegevoegd:
Antwerpen: Pantopicon - Stadslab 3.0: Designing 'Samen Stad Maken' Future(s)

Algemene indruk
Bij de beoordeling van de inzendingen viel het de adviseurs op dat er in veel steden behoefte blijkt te bestaan aan stadslabs waarin top-down en bottom-up elkaar rondom urgente opgaven ontmoeten. De inzendingen komen vanuit heel het land en er zijn zelfs inzendingen uit België. De voorstellen laten een zeer divers beeld aan centrale vraagstukken zien. Sommige voorstellen zijn ruimtelijk, andere meer sociaal-maatschappelijk. Wat ze met elkaar gemeen hebben is dat de opgaven vaak heel locatiespecifiek zijn en de gekozen werkwijzen sluiten daarop aan. Zo wordt er met concrete casestudies en pilotprojecten gewerkt waar omheen betrokkenheid en eigenaarschap kan worden gecreëerd. De geselecteerde stadslabs nemen vaak een kritische maar constructieve houding aan ten opzichte van lokale overheden. Zij gaan interessante samenwerkingen aan en betrekken relevante expertises. Ontwerpers vervullen daarbij dikwijls een intermediaire rol.

De opzet en de output van de labs is heel verschillend. Nieuwe labs kiezen vaak voor een activistische aanpak, waarmee ze tot een breed gedragen alternatief ontwikkelplan willen komen. Vervolgvoorstellen van eerder ondersteunde labs zijn vaak meer reflectief en gericht op kennisontwikkeling. Zo wil een van die labs een meetinstrument ontwikkelen waarmee de maatschappelijke meerwaarde van bewonersinitiatieven binnen de stedelijke ontwikkeling inzichtelijk kan worden gemaakt. Verder valt het op dat in veel labs aandacht wordt besteed aan het documenteren van stappen en het toegankelijk maken van opgedane kennis en ervaring. Door niet alleen de successen, maar ook de moeilijkheden inzichtelijk te maken kan een waardevolle bijdrage aan het kennisnetwerk worden geleverd.

Tot slot constateerden de adviseurs dat er, net als vorig jaar, veel voorstellen zijn ingezonden voor fablabs, al dan niet in combinatie met herbestemmingstrajecten en exploitaties voor gebouwen. In die gevallen is vaak geen urgente ruimtelijke of sociaal-maatschappelijke opgave op een stedenbouwkundig schaalniveau omschreven. Daarnaast zijn er voorstellen ingezonden met een te vrijblijvende opzet. Zij beschikken niet of in te beperkte mate over een aantoonbaar lokaal draagvlak. Daar waren ook enkele projecten bij die zich eerder als een onderzoek zouden kwalificeren. Deze voorstellen sloten niet goed aan bij de omschrijving van de Open Oproep.

Beoordeling
Bij de beoordeling van de inzendingen hebben de adviseurs gelet op de relevantie van de geformuleerde opgaven, het plan van aanpak, de organisatievorm van het initiatief, de betrokken expertise, de coalitiepartners en de coherentie tussen deze onderdelen. Daarbij hebben de adviseurs getoetst in hoeverre de voorstellen aansluiten bij de doelstellingen van deze Open Oproep en samenhangen met het thema Innovatieve Vormen van Opdrachtgeverschap. Met het op te zetten kennisnetwerk in gedachten heeft men gekeken naar de deelbaarheid van de verwachte resultaten en de geografische spreiding van de geselecteerde voorstellen.

meer nieuws

tweewekendicht.jpg

Oud en nieuw: het Stimuleringsfonds Creatieve Industrie gaat twee weken dicht

12 december 2019

Van 20 december 2019 tot en met 5 januari 2020 is het Stimuleringsfonds gesloten. In deze periode kunnen er geen inlogaccounts worden aangevraagd, geen conceptaanvragen worden voorgelegd en vinden er geen betalingen plaats.
Let op, wil je binnenkort een aanvraag indienen lees dan deze veelgestelde vragen:

'Ik ben voornemens een aanvraag in te dienen in de maand januari 2020, maar ik heb nog geen inlogaccount?'
Vraag direct een inlogaccount aan, dit kan tot en met 16 december 2019 via de online aanvraagomgeving.

Na 16 december kan je het beste gebruikmaken van onderstaande links die je onder andere inzage geven in de aanvraagformulieren van de subsidieregelingen die in januari 2020 sluiten. Op deze manier kan je offline doorwerken aan je aanvraag. Vervolgens kan je vanaf maandag 6 januari weer een account aanvragen. Nadat je de accountgegevens hebt ontvangen, kan je jouw aanvraag in de online aanvraagomgeving invullen, definitief maken en indienen.

'Ik heb al een inlogaccount…'
Dan ben je, ook tijdens de eindejaarsperiode, in de gelegenheid om je aanvraag in de online aanvraagomgeving voor te bereiden. Houd er rekening mee dat het fonds gesloten is van 20 december tot en met 5 januari. In die periode worden de e-mails niet beantwoord en wordt de telefoon niet opgenomen.

Conceptvoorstellen kunnen pas weer vanaf 6 januari 2020 worden voorgelegd aan stafmedewerkers.

Bekijk hier de deadlines voor 2020.

Bekijk hier de veelgestelde vragen.

Bekijk hier de aanvraagformulieren met deadline in januari:
Deelregeling Architectuur NED / ENG
Deelregeling Vormgeving NED / ENG
Deelregeling Digitale Cultuur NED / ENG
Deelregeling Digital Heritage x Public NED / ENG
Deelregeling Festivals NED / ENG

image002.jpg

'Dat kan jij als ontwerper wel willen, maar dat snapt ons publiek niet'

11 december 2019

Omdat hij de rol van het grafisch ontwerpen in de maatschappij zag veranderen en de waardering voor zijn vak zag afnemen, houdt Richard Niessen met zijn Paleis van Typografisch Metselwerk en 'Brieven aan de minister' sinds 2015 een pleidooi voor de verbeeldingskracht van grafisch ontwerpers en schept een kader om over zijn vak na te denken. In navolging hierop organiseerde het Stimuleringsfonds een expertmeeting met Richard Niessen, design-strateeg Roel Stavorinus en ontwerpers Alex Clay, Chantal Hendriksen, Janna Meeus, Toon Koehorst, Catelijne van Middelkoop en Niels Schrader. Wat is de stand van het vak? En wat is er nodig om het tij te keren? Een verslag.
Het beeld is duidelijk: Nederland heeft een traditie hoog te houden wat betreft grafisch ontwerpen, in het bijzonder als het de visuele communicatie van publieke instellingen aangaat. Zowel door opdrachtgevers als makers is daar hard voor gewerkt. Maar de mentaliteit richting het vak is veranderd en de nationale beeldcultuur verschraalt. Verschillende oorzaken worden hiervoor aangewezen. Gekrompen budgetten en de veranderde bureaucratische structuur van organisaties en instellingen zijn er daar twee van. Ook wordt genoemd dat het visuele referentiekader van opdrachtgevers vaak marginaal is en het aan visie ontbreekt. Het gevolg daarvan is dat potentieel niet wordt benut en veel ontwerpers een gebrek aan erkenning voor hun expertise ervaren. Ze worden gevraagd aftreksels van eerdere ontwerpen te maken of geconfronteerd met opmerkingen als: 'Dat kan jij als ontwerper wel willen, maar dat snapt ons publiek niet'.
Maar ook interne factoren worden niet genegeerd. Als gevolg van technologische ontwikkelingen en internationalisering is het veld zeer gefragmenteerd geraakt, zo wordt gesteld. Jonge ontwerpers mijden opdrachtgevers. Ze zijn op zoek naar kwaliteit, concentreren zich op eigen initiatieven en samenwerkingsverbanden en hebben er vaak nog een andere bron van inkomsten naast, al dan niet vakgerelateerd. Goede ontwerpers verdwijnen zo in niches. De academie-opgeleide ontwerper heeft bovendien concurrentie gekregen van veel meer service- en business-to-business-gerichte ontwerpers met een meer commerciële achtergrond.
richardniessenfotodoorjellejansegers.jpg
Presentatie door Richard Niessen

vragen
In de discussie wordt een aantal vragen opgeworpen. Wat is nog de taak van grafisch ontwerpers? Is die veranderd? En is de vormende rol van weleer niet overgenomen door productontwerpers? Veel meer dan grafisch ontwerpers slagen zíj er tegenwoordig in maatschappelijke tendensen te visualiseren. Is verschraling bovendien geen maatschappijbrede tendens? Ambachtelijkheid verdwijnt in veel meer sectoren. Nemen we ons eigen vak nog wel serieus? Kritische reflectie op het vak ontbreekt namelijk en er wordt weinig over de grenzen van het vak en het eigen kunnen heen gekeken.

acties
Verschillende opties worden voorgesteld om verandering in gang te zetten, of in elk geval vervolg te geven aan de discussie. Een debatplatform zou helpen bij het laatste. Via een dergelijke weg kan meer naar buiten worden getreden, kunnen de krachten worden gebundeld en bruggen worden geslagen tussen verschillende partijen in het veld. Want dat verandering vanuit het collectief moet worden ingezet, in plaats van individueel is duidelijk. Zo kan de hoogte van honoraria bijvoorbeeld op de agenda worden gezet. Het fonds zet zich hier ook voor in, mede aan de hand van de Fair Practice Code. Vanuit musea en instituten zou er meer aandacht en duiding voor het vak mogen zijn. Dit zal de betekenis en waarde van het grafisch ontwerpen veel zichtbaarder maken, en de ontwerpers steunen in het opeisen van hun ruimte. Richting opdrachtgevers kan via een goed geprogrammeerde hackaton mogelijk 'presence' worden gewonnen en de dialoog worden aangegaan. Dat laatste kan ook in de vorm van een onderzoek als 'What clients think'. En initiatieven als de Best Clients Award en een rijksvormgever kunnen met sterke voorbeeldprojecten een positieve invloed hebben op de waardering van het vak, mits ze een breder publiek bereiken dan alleen het ontwerpveld. Op individueel niveau moet er beter worden nagedacht over de eigen marketing en communicatie. Ook opleidingen spelen hier een rol. Zij moeten de verantwoordelijkheid nemen om beter toegeruste ontwerpers af te leveren, die goede gesprekspartners zijn voor hun opdrachtgever en het benodigde vertrouwen en ruimte weten op te eisen en de vraag van de opdrachtgever kunnen kantelen als dat nodig is. Deze vaardigheden zijn allemaal nodig om antwoorden te kunnen blijven formuleren op actuele ontwikkelingen en een veranderende maatschappij. Om dat te realiseren moet nog veel in werking worden gesteld. Dat is een verantwoordelijkheid die we met zijn allen dragen.

vanwittel62048x1463.jpg

Best practice: Zeeuws Museum

11 december 2019

Het Zeeuws Museum geeft de ontwerpers die ze opdrachten verstrekken de vrijheid en ruimte om tot ontwikkeling te komen, met als doel te kunnen inspireren, verwonderen en meerwaarde te creëren. Maar goed opdrachtgeverschap is meer en start bij het op het juiste moment betrekken van de ontwerper.
'Binnen het Zeeuws Museum is 'inspiratie' een belangrijk woord. We willen niet alleen de bezoekers verrassen en inspireren, maar ook onszelf, dat is voor ons een vertrekpunt', vertelt curator Ivo van Werkhoven. 'Al vóór een project start, zoeken we de samenwerking met de ontwerper. Dat is een wezenlijk andere benadering dan eerst je verhaal maken en vervolgens iemand vragen om dat uit te dragen. Het begint dus al een paar stappen eerder. Het is bij ons niet bedacht en geconstrueerd, maar origineel en authentiek doordat we gelijk optrekken met de partij waaraan we ons verbinden. Dat geldt voor bijna alles wat we doen.'

verschillende partijen
Een van die partijen is grafisch ontwerper Hans Gremmen; voor het museum ontwerpt hij al zestien jaar de externe communicatie. Verder wordt er gewerkt met beeldmakers als Koen Hauser en Jaap Scheeren. Er zijn tentoonstellingen gemaakt in samenwerking met onder anderen Antoine Peters, Das Leben am Haverkamp en Christien Meindertsma. Met vormgeversduo Toon Koehorst en Jannetje in 't Veld werden recent de tentoonstellingen 'Dit is Zeeland' en 'Nooit meer werken' gemaakt. Zij hadden hierin een grote redactionele rol. Vorig jaar heeft modeontwerper Monique van Heist een nieuw uniform ontworpen voor de suppoosten van het Zeeuws Museum. Het vervangt het pak van Klavers & van Engelen uit 2007.
uniformen.jpg
Uniform Zeeuws Museum door modeontwerper Monique van Heist. Beeld: Daan Brand

dialoog
Directeur Marjan Ruiter: 'We werken alleen met mensen van wie we denken dat ze ons kunnen versterken. Ontwerpers geven we de ruimte om vrij te kunnen denken, zodat er meerwaarde en iets bijzonders ontstaat. Behalve de kwaliteit van de ontwerper is ook de klik op persoonlijk vlak van belang, zodat we elkaar volledig kunnen vertrouwen en in dialoog kunnen werken; een voortdurend, wederzijds gevoel van verbinding. Dan kun je ook spannende dingen doen. Als museum moet je lef hebben en je nek durven uitsteken. Als je geen risico's neemt, kan je ook niets bijzonders maken.'
Die uitwisseling en het nemen van risico's zit in de geschiedenis van het museum verweven en gaat terug tot 1970. Toenmalig directeur Piet van Daalen ging in dat jaar een samenwerking aan met de beroemde Belgische kunstenaar Marcel Broodthaers. Dit mondde onder meer uit in een optreden van Van Daalen als conciërge van een van de departementen van Broodthaers' even fameuze als fictieve 'Musée d'Art Moderne'.

ruimte
Ivo van Werkhoven: 'Bij het stellen van een opdracht is er eigenlijk altijd wel iets wat ik niet onder woorden kan brengen en wat wordt ingevuld door een vertrouwen in de ontwerper. Soms geeft dat onzekerheid en twijfel of we genoeg houvast geven of het wel goed genoeg hebben omschreven. Maar voor de ontwerper is het juist prettig dat die openheid erin zit, en mijn twijfel verdwijnt als ik zie hoe zij juist met dat oningevulde stuk aan de slag gaan. Het risico bestaat dat de ontwerpers dat stuk laten liggen, dan blijk je niet voor de juiste partij te hebben gekozen en werkt het dus ook niet. Een ander risico is dat je altijd met dezelfde mensen werkt, omdat je weet dat je die kunt vertrouwen. Maar daarmee ondermijn je je eigen visie waarin de nieuwsgierigheid en de inspiratie centraal staan.'

ditiszeeland82048x1365.jpg
Flyer tentoonstelling 'Dit is Zeeland' door Koehorst in 't Veld

vertrouwen
'Vergeleken met andere instellingen staan we misschien wat minder onder druk. Er is in de provincie gelukkig genoeg draagvlak voor de dingen die we doen', vult Van Werkhoven aan. 'Dat vertrouwen is ook binnen het museum zelf sterk aanwezig. We zijn een kleine organisatie, waar iedereen al best een poos werkt. Ik kan me voorstellen dat in een grote organisatie, met een groter verloop, het vaker voorkomt dat het roer om gaat. Ook verdwijnt het onderlinge vertrouwen niet in de gelaagdheid van de organisatie. Wij zijn niet hiërarchisch georganiseerd, maar werken in zelfsturende teams met een vrije rol, en we formuleren zelf onze doelen binnen een optimistische toekomstvisie.'

Het Zeeuws Museum streeft ernaar ook in de toekomst de ontwerper met een open blik het kronkelige proces naar een onbekende bestemming te laten volgen. In lijn met de missie van het museum om nieuwe generaties te verbinden met het erfgoed van Zeeland, hoopt het ook het erfgoed van goed opdrachtgeverschap aan nieuwe generaties door te geven. 'We hebben allereerst onze meerwaarde in het culturele domein te realiseren. Een museum is het geheugen van de maatschappij en alles wat we doen komt voort uit onze missie', besluit Marjan Ruiter.

openoproepresidencyarita750x500.jpg

Lisa Konno en Simone Post geselecteerd voor residenty Arita

4 december 2019

Lisa Konno en Simone Post zijn geselecteerd voor een residency in keramiekregio Arita. Het Stimuleringsfonds Creatieve Industrie ontving hiervoor twintig aanvragen naar aanleiding van de Open Oproep Residency Arita, Japan 2020.
selectie
Lisa Konno wil de rituele functie van servies onderzoeken en verbinden aan kleding. Tradities en gebruiken zorgen voor zingeving, groepsgevoel en vertrouwdheid. Lisa Konno laat zich inspireren door rituelen waarbij een dialoog tussen kleding, porselein en eten ontstaat, zoals een theeceremonie of kerstdiner. Op basis hiervan zal ze een modern, eigen ritueel ontwerpen. De focus ligt op ambacht en herwaardering.

Bij Cor Unum werkt Simone Post momenteel aan een onderzoek naar tactiliteit in keramiek. Ze maakt gebruik van de vloeibaarheid van klei. Het materiaal wordt in natte toestand gevormd alsof het textiel is, haar statische grenzen oprekkend. De vormentaal die hieruit voortkomt, zal ze gebruiken als basis voor haar onderzoek in Arita, dat uitgaat van kleur en glazuur en de wijze waarop deze twee op elkaar reageren en met elkaar mengen.

beoordeling
De aanvragen die op de open oproep binnenkwamen varieerden van zeer technisch, tot meer gericht op de Japanse context, zoals het project van Lisa Konno. In haar voorstel zet ze de verschillen en overeenkomsten tussen de Nederlandse en Japanse praktijken duidelijk uiteen en geeft ze blijk van haar nieuwsgierigheid naar de Japanse manier van werken. Ze is zich heel bewust van haar positie. Hoewel de beoogde uitkomsten nog niet concreet zijn benoemd, vindt de commissie dat de uitgangspunten en het portfolio goed op elkaar aansluiten.
Het voorstel van Simone Post gaat in op het werken met vormen, texturen, kleuren en glazuren en legt verbanden met het werken met textiel, waar ze al goed mee bekend is. Met het oog op haar specifieke aanpak en professionele kijk is de commissie positief over de betekenis die haar project niet alleen voor haar eigen praktijk maar ook voor Arita heeft. De adviseurs stellen daarbij dat ze uitwisseling in het algemeen heel belangrijk vinden. Ze zien graag voorstellen die ook Arita ten goede komen en waarin wordt ingegaan op experiment en onderzoek binnen de kennis en context die Arita biedt.

De ingediende voorstellen zijn beoordeeld aan de hand van portfolio, cv en motivatie. De adviseurs beoordeelden in hoeverre de voorstellen consistent zijn opgezet en de mate waarin deze aansloten bij de doelstellingen van deze oproep en het Subsidiereglement. De beoordeling had de vorm van een tender: twee voorstellen zijn verkozen boven de andere.

over de residency
In juli 2019 schreef het Stimuleringsfonds Creatieve Industrie samen met het Mondriaan Fonds de vijfde Open Oproep Residency Arita, Japan 2020 uit. Arita biedt voor twee perioden per jaar een woon-/werkruimte, waarin één ontwerper en één kunstenaar tegelijk kunnen verblijven. Het doel is het creëren van een waardevolle uitwisseling tussen Japanse porseleinproducenten en Nederlandse ontwerpers en kunstenaars. De Open Oproep Resideny Arita, Japan wordt volgend jaar herhaald.
studio.jpg

Selectie Open Oproep Talentontwikkeling in Internationale Context 2019

4 december 2019

Giuditta Vendrame, Studio Legrand Jäger, Studio Agne en Sophie Hardeman gaan de komende tijd samenwerken met internationale partners. Deze ontwerpers zijn geselecteerd uit zestien voorstellen van Nederlandse ontwerpers en makers die reageerden op de Open Oproep Talentontwikkeling in Internationale Context. Met deze oproep geeft het Stimuleringsfonds ontwerpers en makers de kans hun praktijk internationaal te verdiepen en artistiek en professioneel te ontwikkelen door samen te werken met een buitenlandse partner. De geselecteerde projecten hebben een voorbeeldstellende functie voor de Nederlandse creatieve industrie en verrijken onze sector tegelijkertijd met nieuwe kennis.
Giuditta Vendrame onderzoekt in haar project 'Humid World' de notie van grenzen in water als designer in residency binnen het research programma 'At the Border' bij A/D/O in New York, VS. Studio Legrand Jäger (foto bovenaan) ontwikkelt in samenwerking met het Victoria & Albert Museum nieuw performatief werk in het project 'Internet of Ears: AI-Generated Policy Play'. Sophie Hardeman – Love Harder doet onderzoek naar groepsgedrag, tolerantie, vooroordelen en stereotypes en brengt politiek en/of sociaal onbesproken onderwerpen onder de aandacht tijdens een residency bij NAVEL.LA in Los Angeles. Studio Agne doet theoretisch- en materiaalonderzoek naar amberafval tijdens een residency bij Neuni in Shanghai.

selectie
De commissie reageert overwegend positief op de kwaliteit van de ingediende voorstellen. De voorstellen waarin de uitzonderlijke artistieke visie, professionele ontwikkeling en de wisselwerking met de internationale partner elkaar versterkten kregen de voorkeur van de adviseurs. Ook is er gelet op de maatschappelijke en culturele relevantie van de voorstellen. Voor deze open oproep moet er sprake zijn van kennisuitwisseling en de samenwerking mag geen opdrachtsituatie betreffen. Alle voorstellen zijn beoordeeld door een vertegenwoordiging vanuit de digitale cultuur, vormgeving en architectuur. De commissie bestond uit maker en KABK-docent Pawel Pokutycki, freelance kunst- en designhistoricus Victoria Anastasyadis en AMO associate Stephan Petermann.
studioagne.jpg
Studio Agne

De commissie heeft de voorstellen op zeven criteria getoetst:

in hoeverre de ontwerpers, vormgevers, makers, critici en/of curatoren uit de creatieve industrie (digitale cultuur, vormgeving, architectuur) een voorbeeldstellende en/of onderscheidende positie innemen;
in hoeverre het voorgestelde plan bijdraagt aan de verdere artistieke en professionele ontwikkeling van de betrokken maker;
de kwaliteit en vorm van de samenwerking;
in hoeverre de betrokken buitenlandse instelling, organisatie of bedrijf een uitstekende reputatie heeft;
de mate en wijze van cofinanciering door de betrokken buitenlandse partner;
in hoeverre het voorstel consistent is in doel, opzet, betrokken deskundigheid en publieksbereik;
in hoeverre er sprake is van een Nederlands belang.

De voorstellen waren van uiteenlopende, maar over het algemeen goede kwaliteit met uitschieters naar boven. De ondersteunde ontwerpers tonen dat zij zich bewust zijn van de lokale (internationale) context waarin ze opereren. Voor de geselecteerde voorstellen geldt dat zowel het project, de doelstelling als de betrokken partner goed op elkaar aansluiten. De selectie geeft in zijn geheel een divers beeld van de mogelijkheden van talentontwikkeling in een internationale context.

afgewezen voorstellen
De voorstellen die niet zijn geselecteerd schoten op één of meerdere criteria tekort. De adviseurs zagen bij een aantal voorstellen dat de partners een uitstekende reputatie hebben, maar dat de opzet van de samenwerking niet was gericht op wederkerigheid en/of niet bijdraagt aan de professionele en artistieke ontwikkeling van het talent. Voor een aantal voorstellen geldt dat de makers in de uitwerking van het plan onvoldoende inzicht geven in de aanpak en opzet van het project. In een aantal gevallen werd de relevantie voor het vakgebied binnen de Nederlandse creatieve industrie onvoldoende aangetoond of ontbrak soms inzage in hoe kennis weer terugvloeit naar Nederland. In een enkel geval beoordeelde de commissie de mate van kritische reflectie of bewustzijn van de lokale context als onvoldoende.

loader

het fonds

subsidies

actueel

sluitingsdata2020.png
De sluitingsdata van de deelregelingen in 2020 zijn bekend. Per regeling verschilt het aantal rondes per jaar waarin de commissies bijeenkomen. De Deelregelingen Architectuur en Digitale cultuur hebbe... meer >
groenweb.gif
Wanneer kan je een bijdrage aanvragen, hoe gaat dit in z'n werk en waar moet je op letten? Het Stimuleringsfonds Creatieve Industrie en het Mondriaan Fonds organiseren gezamenlijk een voorlichtingsbij... meer >
oochronischgezond.png
Het Stimuleringsfonds Creatieve Industrie en het Agis Innovatiefonds lanceren een gezamenlijke open oproep gericht op verbetering van het alledaagse leven voor mensen met (nog g)een chronische aandoen... meer >
loader
loader
loader