stimuleringsfonds creatieve industrie
dummy
Colombia lonkt
2Urbanos.jpg

Colombia lonkt

13 januari 2016

Mailen heeft weinig zin als je zaken wilt doen; Colombianen appen liever als het over werk gaat. En aanbesteden, bouwen en opleveren gaat supersnel, maar het gebrek aan integraal overleg speelt hun parten. Urbanos ging in 2015 met een divers gezelschap op marktverkenningsreis. Ze troffen enthousiasme en chaos, prachtige gerealiseerde projecten en nog een wereld aan werk. Hun conclusie: er is een mooie rol weggelegd voor de Nederlanders bij de binnenstedelijke ontwikkeling van Colombia.
Bij Colombia denk je niet meteen aan een land met een gunstig ondernemersklimaat. Maar werd het nieuws een paar jaar geleden nog geregeerd door drugskartels en militante guerilla’s, inmiddels klinkt er een ander geluid. Colombia zit in de lift. De veiligheid verbetert, de economie is een van de snelst groeiende in Latijns-Amerika en internationale investeringen nemen toe. In 2013 wees de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland het land aan als een van de drie prioriteitslanden om de economische samenwerking mee te versterken. En om dat feestelijk te beklinken, openden Willem Alexander en Máxima dat jaar ook Casa de Holanda, de bilaterale Kamer van Koophandel in Bogotá, waar Nederlandse ondernemers met internationale businessplannen kunnen aankloppen.

Momentum
Voor de stedenbouwers van Urbanos viel het allemaal samen. Pepijn Verpaalen en Camila Pinzón hadden al langer hun blik op Colombia; Pinzón komt uit Bogotá, waar zij werd opgeleid tot architect voordat zij zich in Delft specialiseerde in stedenbouw en daar Verpaalen tegenkwam. De Open Oproep van het Stimuleringsfonds Creatieve Industrie, dat subsidie beschikbaar stelde voor het uitvoeren van internationale verkenningen, kwam voor hen precies op het goede moment. ‘Nu de Nederlandse markt krap is, ligt het voor de hand om over de grenzen te gaan kijken,’ zegt Verpaalen.
Ze schreven een plan voor een studiereis naar Medellín en Bogotá, die qua planning ook nog eens samenviel met het World Urban Forum van UN-Habitat in Medellín. ‘We wilden optimaal gebruik maken van het momentum. Now is the time: het is geen kwestie meer van pure ellende verhelpen, voor Colombia is de volgende fase aangebroken. Het is tijd voor een kwaliteitsslag en daar haken wij graag op aan.’
Met name in de middelgrote steden ligt er volgens hen een interessante opgave voor stedenbouwers en architecten. Terwijl in Nederland alles al tot in detail in kaart is gebracht en veranderen vooral een kwestie van fijnslijpen is, valt er in Colombia nog een wereld te ontdekken en transformeren. De afgelopen vijftig jaar zijn de steden expansief en vrij ongecontroleerd gegroeid. Er is vaak een enorme scheiding tussen arm en rijk; sociale cohesie is ver te zoeken en mobiliteit laat te wensen over. Met een overheid die meer dan bereid is daarin te investeren, lijkt het land een droom voor elke stedenbouwer.
Urbanos3.jpg

Afsprakenlijstje
Urbanos koos er heel bewust voor om geen grote verkoopshow te organiseren om te laten zien wat ze te bieden hebben. Pinzón: ‘Dat is niet zo interessant en misschien zelfs arrogant. We wilden juist inzetten op de kracht van de ander. Het was weliswaar een soort undercover handelsmissie, maar wel echt in de vorm van een studiereis. Dan ga je het gesprek op een andere manier aan. Het gaat dan meer over uitwisselen van kennis, en hoe je elkaar kunt aanvullen.’
Ze sloegen de handen ineen met architectenbureau Nezu-Aymo om een aantrekkelijk reisprogramma en idem dito reisgezelschap samen te stellen. Het voorbereidende traject kostte veel tijd, meer dan verwacht. ‘Bel me gewoon als je er bent,’ kreeg Pinzón steeds te horen, toen ze vanuit Nederland afspraken probeerden te maken met Colombiaanse projectontwikkelaars, ambtenaren, architecten en stedenbouwers. ‘Maar wij wilden natuurlijk van te voren een goed programma in elkaar draaien. Na weken mailen, bellen en appen – dat bleek hét Colombiaanse communicatiemiddel op het gebied van zaken doen – lukte het toch om een week van te voren een imposant afsprakenlijstje te hebben in de steden Medellín en Bogotá. Het leverde een divers reisgezelschap van negen man op, waaronder de stadsbouwmeester van Groningen, een planoloog van de Gemeente Amsterdam, een sociaal geograaf uit Rotterdam, een projectontwikkelaar, een student communicatie en een aantal architecten.

Roltrappen
In een intensieve week werden talloze projecten, diensten en lezingen bezocht. Thema’s waren social urbanism, organische groei versus geplande gebiedsontwikkeling en privaat-publieke samenwerkingen. Zo bezochten ze verschillende projecten van EPM, Empresas Públicas Medellín, het geprivatiseerde nutsbedrijf dat 30 procent van hun winst weer in de stad moet investeren. Een voorbeeld daarvan zijn de roltrappen die de toegankelijkheid van de sloppenwijken op de hellingen verbeteren, of de tot voor kort afgesloten gebieden met waterreservoirs, waar nu waterrijke parken van gemaakt zijn in een intensief participatietraject met bewoners. Ze keken hoe geïnvesteerd werd in sociale cohesie met projecten als Camino de la Vida, een door werkloze vrouwen uit de buurt aangelegde wandelroute op de hellingen rond de stad. Ze praatten met sleutelfiguren van Planeación (DRO) van beide steden, waar zowel de Colombianen als de Nederlanders een presentatie gaven over hun aanpak. En met betrokkenen bij het project Transmilenio – het openbaar vervoer per bus in Bogotá – dat in eerste instantie een groot succes was, maar dat nu vastloopt bij gebrek aan voldoende infrastructuur.

Dutch Approach
Gaandeweg werden de verschillen in aanpak tussen Nederland en Colombia duidelijk. Praktische zaken, bijvoorbeeld dat iedere stedenbouwkundige opdracht in Colombia openbaar aanbesteed moet worden, óók als het om een project van maar 5.000 euro gaat. Dat de indieningstermijn voor alle vertaalde en afgestempelde stukken vaak hooguit een week bedraagt, soms maar twee dagen, maakt deelname er bovendien niet makkelijker op.
Maar ook verschillen in aanpak en proces kwamen bovendrijven – daarin zitten nu juist de kansen, benadrukken Verpaalen en Pinzón. ‘Gebiedsontwikkelingsplannen worden bijvoorbeeld niet gemaakt; een locatie wordt aanbesteed, maar de link met de omgeving ontbreekt, er worden eilandjes ontwikkeld. Dat kijken naar de context is iets wat wij zouden kunnen inbrengen. Ook het overleg en de integrale samenwerking is er vaak niet. De Dutch Approach is nog niet doorgesijpeld.’
Een bezoek aan drie diensten en hun projecten in de historische binnenstad van Bogotá maakte dat glashelder. ‘Op dezelfde dag bezochten we een project van de monumentendienst op wijkniveau, de dienst ruimtelijke ordening op stadsniveau en de dienst voor stedelijke ontwikkeling op nationaal niveau. Ze maakten alle drie plannen voor exact dezelfde locatie. De eerste werkte samen met bewoners bottom-up aan kleinschalige vernieuwing met respect voor de historische structuur en gebouwen. De tweede had net een weg dwars door die structuur aangelegd en daarvoor een aantal historische panden gesloopt. En de derde had een top-down prijsvraag uitgeschreven voor een grote iconische toren waarin de ministeries moeten worden gehuisvest. Tijdens ons bezoek bleek dat de drie niet met elkaar overlegden en ook niet precies wisten waar de ander mee bezig was,’ aldus Pinzón. ‘Er heerste een klimaat van chaos en spierballentaal,’ zegt Verpaalen. ‘Ons polderen zou hier echt wat kunnen bijdragen.’

Benijdenswaardig
Aan de andere kant waren er zeker ook zaken waar de Nederlanders wat van kunnen leren volgens Urbanos. De verrassende manier waarop ambitieuze plannen worden gerealiseerd oogstten bewondering: een kabelbaan over een sloppenwijk, een openbare roltrap door een achterstandsbuurt, iconische architectuur om bewoners trots te maken en toeristen naar voormalige no-go gebieden te trekken. ‘Doordat veel nadruk wordt gelegd op het verbeteren van de sociaaleconomische positie, het grootste pijnpunt, lijken de projecten goed aan te sluiten op de behoefte van de bewoners,’ aldus Verpaalen. ‘Bewonersparticipatie gaat bovendien veel meer van harte,’ vult Pinzón aan, ‘mensen praten graag mee en de invloed op het uiteindelijke resultaat is duidelijk zichtbaar.’ Dat was met name interessant voor de planoloog in het gezelschap uit Amsterdam, waar participatie vaak nog een moeizaam proces van leuren en sleuren is. Een ander een benijdenswaardig voordeel van werken in Colombia – dat ongetwijfeld samenhangt met het als nadelig ervaren gebrek aan overleg: projecten worden veel sneller gerealiseerd.

Tegenbezoek
Toen Urbanos ter plekke via de Colombiaanse ambassade in contact kwam met een van de bestuurders van de Colombiaanse metropoolregio’s, bleek zij zeer geïnteresseerd in de Dutch Approach van stedelijke ontwikkeling. Het leidde tot de eerste betaalde opdracht die voortkwam uit de verkenningsreis: een tegenbezoek aan Nederland door de directeuren van alle metropoolregio’s, met een focus op governance. ‘Ze wilden graag meer weten over onze aanpak van mobiliteit, afvalverwerking en waterzuivering. We hebben een weekprogramma samengesteld met bezoeken aan bijvoorbeeld afval- en energiebedrijven, DRO Amsterdam, maar ook lezingen en presentaties over infrastructuur en verkeer in stad en regio. Bij de bezochte projecten en presentaties was duidelijk dat alle betrokken partijen hier voortdurend met elkaar om tafel zitten, getuigen de foto’s met groepen discussiërende mensen rond een maquette of plattegrond. Daar kwamen veel vragen over, dat vonden ze superinteressant.’ Het leidde tot weer een nieuwe vraag: ‘Of wij een reeks workshops wilden organiseren in Colombia over integraal werken.’

Fietsen
Naast hun workshops over stedelijke verdichting zijn Pinzón en Verpaalen ook betrokken geraakt bij een plan om het fietsen in Colombiaanse steden te stimuleren. In samenwerking met de Dutch Cycling Embassy voerden ze hiervoor een fact finding mission uit voor de Nederlandse ambassade in Colombia. Pinzón: ‘In het buitenland vraagt iedereen altijd meteen hoeveel kilometer wij aan fietspaden hebben. Men realiseert zich niet dat het meer een kwestie is van een cultuur stimuleren dan van kilometers maken.’
Komend jaar richten ze zich op de Feria Internacional del Libro in Bogotá in april, waar Nederland eregast is. De organisatie daarvan ligt bij de Nederlandse Ambassade, die Urbanos heeft gevraagd mee te denken over de inhoud van het programma rond het thema stedelijke ontwikkeling.
Terugkijkend heeft de verkenningsreis van alles in gang gezet. Verpaalen: ‘Het begon met een vrijblijvende kennismaking, nu worden we uitgenodigd voor het geven van workshops en het doen van onderzoek. Natuurlijk hopen we dat er straks uiteindelijk een concreet stedenbouwkundig project uit voortkomt. De trein met nieuwe projecten dendert door, wij stappen graag in. Als we mochten kiezen? Een droomopdracht zou bijvoorbeeld een plan zijn voor de verdichting van een deel van Cartagena. Maar het kost – ook in de snelle besliscultuur van Colombia – tijd voordat zo’n concrete opdracht er is. Ondertussen houden we onze nieuwe contacten warm en leren we veel van elkaar.’

Dit project is eerder ondersteund vanuit de Deelregeling Internationalisering.

meer nieuws

nieuwkaartje.jpg

Toekenningen Activiteitenprogramma’s 2019

17 januari 2019

Aan 26 instellingen is door het Stimuleringsfonds een éénjarige subsidie toegekend. De geselecteerde instellingen zijn van belang voor de ontwikkeling en versterking van de infrastructuur van de culturele en creatieve industrie in Nederland. De 26 instellingen ontvangen samen ruim € 1,4 miljoen voor hun programmering in 2019. De bijdragen variëren van € 25.000 tot € 100.000 per jaarprogramma
De Deelregeling Activiteitenprogramma’s ondersteunt programma’s op het gebied van architectuur, vormgeving en digitale cultuur of een combinatie van deze disciplines. Culturele instellingen kunnen eens per jaar een bijdrage aanvragen voor hun activiteitenprogramma met een maximale looptijd van een jaar.

selectie
De adviescommissie onder voorzitterschap van Rutger Wolfson heeft geadviseerd over 46 programma’s van instellingen op het gebied van de creatieve industrie. Zij vroegen in totaal ruim € 2,5 miljoen aan. De ronde was daarmee ruim overvraagd, waardoor de commissie scherpe keuzes moest maken. De gehonoreerde voorstellen leveren actief een bijdrage aan presentatie, kennisuitwisseling, experiment, reflectie en onderzoek op het gebied van architectuur, vormgeving of digitale cultuur. Met name een sterke platformfunctie en vernieuwende, agenderende programma’s werden door de adviescommissie gewaardeerd.

Op het gebied van digitale cultuur zijn negen voorstellen gehonoreerd, op het gebied van architectuur acht voorstellen, en zes voorstellen op het gebied van vormgeving. Ten slotte zijn drie interdisciplinaire voorstellen gehonoreerd.

nieuwe initiatieven
Er is een aantal nieuwkomers binnen de regeling ondersteund. Het betreft zes instellingen: The Hmm, Creative Coding, New Emergences, MacGuffin, Warehouse en Spatial Media Laboratories. De commissie acht het stimuleren van nieuwkomers van belang. Ze noemt de zes nieuwe instellingen binnen de regeling een waardevolle toevoeging op de bestaande praktijk. Volgens de commissie bieden de instellingen nieuwe platforms en onderzoeken de programma’s actuele vraagstukken en werkwijzen. Een voorbeeld is het programma van het nieuwe initiatief Warehouse dat zich richt op alternatieve, kritische modepraktijken door tentoonstellingen, debatten, performances, publicaties en podcasts te ontwikkelen.

diversiteit en inclusiviteit
De commissie acht diversiteit en inclusiviteit binnen de programma’s van groot belang. Het viel de commissie op dat deze thematiek te weinig aan bod komt in de voorstellen van deze ronde. Een aantal gehonoreerde voorstellen is volgens de commissie noemenswaardig op het gebied van diversiteit en inclusiviteit.
Zo richt het platform New Emergences zich via zijn programma ‘Amplifying Voices’ op het vraagstuk van diversiteit en ondergerepresenteerde stemmen binnen het terrein van de elektronische muziek en geluidskunst.
Ook zijn programmaonderdelen van het voorstel van Hackers & Designers interessant, zoals de Feminist Intersectional Search, opgezet in samenwerking met Read-in, Openbare bibliotheek Amsterdam en Atria Kennisinstituut voor Emancipatie en Vrouwengeschiedenis, over het dominante Westerse denkkader in zoekresultaten.
PrintRoom richt zich in het komend jaarprogramma onder andere op niet-Westerse praktijken: Artists’ publishing is volgens het platform op dit moment nog een dominant Westers systeem, ondanks de groeiende participatie en radicaal vernieuwende bijdragen van niet-Westerse makers. Nog steeds bestaan artists’ book fairs en gespecialiseerde winkels/project spaces voornamelijk in West-Europa en Noord-Amerika, hoewel in Azië en Zuid-Amerika belangrijke spelers actief zijn. Hoe kan het perspectief van het veld breder en inclusiever worden en kan er worden geleerd van Do-It-Yourself productie- en presentatievormen van niet-Westerse artistieke ‘publishers’?

De 26 instellingen die een bijdrage ontvangen zijn:
The Hmm
CKB Zeeland
AIR
Hackers & Designers
PrintRoom
Platform GRAS
TETEM
Architectuur Centrum Amsterdam
Creative Coding
Transnatural
ExtraExtra
IMPAKT
Reverb
Current Obsession
Spatial Media Laboratories
Ontwerp Platform Arnhem
Partizan Public
SETUP
What Design Can Do
CAST
CASA
MacGuffin
Warehouse
Architectuurcentrum Nijmegen
New Emergences
Podium voor architectuur, Haarlemmermeer en Schiphol

Hier is meer informatie over de inhoud van de specifieke programma’s per instelling te lezen.

De sluitingsdatum voor de regeling Activiteitenprogramma’s in 2019 is 9 oktober. Het totaal beschikbare budget voor 2019 is € 1.450.000.

anderswerken.jpg

Selectie Open Oproep Anders werken aan stad, dorp en land

17 januari 2019

Met het oog op de komst van de Nationale Omgevingsvisie (NOVI) en de nieuwe Omgevingswet nodigde het Stimuleringsfonds Creatieve Industrie in oktober 2018 gemeenten uit deel te nemen aan het ontwikkeltraject Anders werken aan stad, dorp en land. Binnen dit traject bouwen gemeenten onder begeleiding van ervaren stadmakers hun lokale netwerk uit en gaan ze samen met hun lokale partners én met ontwerpers aan de slag met actuele ruimtelijke en maatschappelijke opgaven in hun eigen gemeente. 18 gemeenten zijn geselecteerd voor deelname.
In Nederland staan we voor een aantal grote maatschappelijke veranderingen. Klimaatverandering en de invloed van technologie vragen om nieuwe ruimtelijke concepten, maar ook gezondheid, bevolkingsgroei en een meer sociaal-inclusieve samenleving. De NOVI speelt op deze veranderingen in met een langetermijnvisie voor een duurzame fysieke leefomgeving. Centraal daarin staat de verwevenheid van maatschappelijke en ruimtelijke opgaven, en het belang van samenwerking tussen overheid, markt en samenleving. Ook de wetgeving voor de fysieke leefomgeving wordt de komende jaren ingrijpend aangepast. Met de inwerkingtreding van de Omgevingswet ontstaat een nieuw stelsel, dat gericht is op het in onderlinge samenhang bereiken en in stand houden van een veilige en gezonde fysieke leefomgeving. Gemeenten vervullen hierbij een faciliterende en co-creërende rol. Het ontwikkeltraject Anders werken aan stad, dorp en land bereidt gemeenten voor op deze nieuwe manier van werken.

Het ontwikkeltraject kent drie leerlijnen:

1. leefbaarheid
2. duurzaamheid
3. stedelijke transformatie

De begeleiding van het traject ligt in handen van Floor Ziegler (Stadmakerscentrum), Nicole Rijkens-Klomp (Pantopicon) en Edwin van Uum (UUM - Unlimited Urban Management).

beoordeling
De Open Oproep Anders werken aan dorp, stad en land leverde 22 inzendingen op. Bij de beoordeling en selectie van de inzendingen heeft het fonds zich laten adviseren door:

Gaston Gelissen, Programmadirectie Nationale Omgevingsvisie
Vera Winthagen, Strategisch Design Consultant, Gemeente Eindhoven
Jornt van Zuylen, projectleider Democratie in Actie, VNG

De adviseurs spreken hun waardering uit voor de diversiteit aan inzendingen voor deze open oproep. De regionale spreiding van de reacties is groot. Opvallend is ook de mate van diversiteit in het niveau van de inzendingen. Met name de grotere gemeenten lijken al meer ervaring in de samenwerking met stadslabs te hebben en dienden scherp uitgewerkte opgaven in en een groot aantal reeds betrokken partners om mee samen te werken. Betrokkenheid van de raad en/of het college van burgemeesters en wethouders werd bij de meeste inzendingen nog beperkt ingevuld.

Belangrijker dan het uitwerkingsniveau van de inzendingen was echter een belangrijk criterium voor deelname aan het ontwikkeltraject de relevantie van de leervraag binnen de thematiek en werkwijze van de open oproep. Op basis van een inhoudelijke bespreking van de lokale opgave, relevantie van de geformuleerde leerdoelen van de gemeente, betrokkenheid van de gemeente en de mate en wijze van samenwerking met lokale partners inzendingen zijn de adviseurs uiteindelijk tot een selectie van 18 gemeenten gekomen.

selectie
De volgende gemeenten zijn geselecteerd voor deelname aan het ontwikkeltraject Anders Werken aan stad, dorp en land:

1. Almere
2. Amersfoort
3. Amsterdam
4. Bergen Op Zoom
5. Borger-Odoorn
6. Breda
7. Heerlen
8. Heusden
9. Hoeksche Waard
10. Horst aan de Maas
11. Leeuwarden
12. Leiderdorp
13. Maastricht
14. Meerssen
15. Rotterdam
16. Schiedam
17. Súdwest Fryslân
18. Weert

Het ontwikkeltraject Anders werken aan dorp, stad en land is een samenwerking tussen het programma Democratie in Actie en het Stimuleringsfonds Creatieve Industrie. Het traject heeft als doel integrale aanpak van ruimtelijk-maatschappelijke opgaven te stimuleren en nieuwe samenwerkingsvormen tussen gemeenten, ontwerpers en culturele instellingen te stimuleren. In de uitvoering van het ontwikkeltraject legt het Stimuleringsfonds waar mogelijk ook de verbinding met de culturele regioprofielen.

startfase
Het ontwikkeltraject is bedoeld als startfase. De looptijd van het traject is van januari t/m mei 2019. In vijf maanden experimenteren gemeenten binnen hun lab met nieuwe participatieprocessen en samenwerkingsvormen. De startfase resulteert in:

1. overeenkomst voor samenwerking tussen gemeente van lokale samenwerkingspartners (bewoners, ondernemers, ontwerpers, maatschappelijke instellingen en/of kennisinstellingen) in een lab;
2. beschrijving van de beoogde effecten van het lab;
3. beschrijving van de activiteiten van het lab;
4. specificatie van de benodigde middelen (in tijd en geld) en de overeengekomen organisatiestructuur (verantwoordelijkheden, beslissingsbevoegdheid en financiering) van het lab.

vervolgfase
De labs kunnen na afloop van de startfase met een uitgewerkt projectplan voor de vervolgfase
subsidie aanvragen bij het Stimuleringsfonds Creatieve Industrie. Per geselecteerd voorstel stelt het fonds hiervoor een maximumbedrag van € 25.000,- incl. btw beschikbaar, bestemd voor het inzetten van stadmakers en ontwerpers. Deze bijdrage bedraagt maximaal 50% van de totale begroting.

kennisnetwerk stadslabs
Het ontwikkeltraject Anders werken aan dorp, stad en land en bouwt voort op bestaande kennis en ervaring van een netwerk van 51 eerder door het Stimuleringsfonds ondersteunde stadslabs. Binnen de ondersteunde labs is in het afgelopen jaren veel kennis en ervaring opgedaan. Het Stimuleringsfonds Creatieve Industrie heeft de opgedane kennis en ervaring binnen deze stadslabs gepubliceerd in een ‘ProeftuinNL e-zin’. Om de ontwikkeling van het stadslab kennisnetwerk te stimuleren, organiseert het fonds tevens verschillende bijeenkomsten. Verslagen van eerdere bijeenkomsten en de resultaten van enkele reflectieve onderzoeken vindt u op onze kennispagina Urbanisatie.

Geïnteresseerd in de voortgang van het ontwikkeltraject Anders werken in dorp, stad en land? Houd de website in de gaten en schrijf je hier in voor de speciale nieuwsbrief over urbanisatie, die het fonds enkele keren per jaar verstuurd.

stimuleringsprogramma Innovatieve Vormen van Opdrachtgeverschap
Met de lancering van dit ontwikkeltraject geeft het Stimuleringsfonds Creatieve Industrie uitvoering aan het programma uit te voeren gericht op ‘Innovatieve Vormen van Opdrachtgeverschap’. Binnen dit programma ondersteunt het Stimuleringsfonds lokale en regionale initiatieven om te experimenteren met vernieuwende vormen van opdrachtgeverschap in de fysieke leefomgeving.
Het programma maakt onderdeel uit van de Actieagenda Ruimtelijk Ontwerp 2017-2020 dat door het Stimuleringsfonds Creatieve Industrie wordt uitgevoerd in opdracht van de ministeries van BZK en OCW.
eh2619web.jpg

Selectie Open Oproep Professionalisering #4

16 januari 2019

Een goede balans vinden tussen artistieke ontwikkeling en ondernemerschap is niet altijd even makkelijk. Voor professionalisering en ondernemerschap is in de dagelijkse praktijk weinig ruimte en financiering beschikbaar. Maar voor de ontwikkeling van het ontwerpveld is dit wel degelijk van belang. Om professionalisering aan te moedigen en de beroepspraktijk binnen het vakgebied vormgeving te versterken is in 2018 voor het vierde opeenvolgende jaar de Open Oproep Professionalisering Ontwerppraktijk uitgezet vanuit de Deelregeling Vormgeving.
Deze oproep is beëindigd, meer over de geselecteerde ontwerpers en resultaten vindt u hier.

Met de Open Oproep Professionalisering Ontwerppraktijk worden ontwerpers en kleine ontwerpbureaus in de gelegenheid gesteld tijd vrij te maken om hun praktijk toekomstbestendig te maken en activiteiten te ontwikkelen om hun toekomstvisies te realiseren. Drie adviseurs – Anne van der Zwaag, Ellen Schindler en Yassine Salihine – bogen zich over achttien voorstellen en selecteerden er hiervan zeven.

selectie
De geselecteerde ontwerpers en ontwerpbureaus zijn werkzaam in uiteenlopende disciplines binnen de vormgeving, maar nemen elk een bijzondere positie in het veld in. De studio’s zijn stuk voor stuk al een aantal jaar actief en hebben een goed functionerende praktijk en sterke portfolio’s opgebouwd. Ook de ontwerpers hebben consequent gewerkt aan kwaliteit in hun werk en projecten en beschikken over voor het vakgebied betekenisvolle portfolio’s. Uit hun voorstellen blijkt dat ze zich goed realiseren wat hun positie is en wat hun (maatschappelijke) verantwoordelijkheden zijn.

beoordeling
De ingediende voorstellen zijn getoetst aan de criteria vermeld in de oproeptekst. De selectie vond plaats op basis van de kwaliteit van het plan van aanpak. Er is gekeken naar betrokken deskundigheid, de probleemstelling en de artistieke kwaliteit van het werk van de aanvrager. Ook is de mate van zelfreflectie en zicht op de (verbetering van de) positionering betrokken in de selectie. De adviseurs beoordeelden daarnaast in hoeverre de projectplannen consistent zijn opgezet.

De voorstellen van de volgende ontwerpers en ontwerpbureaus zijn geselecteerd:
The Soft World
RNDR
Circus Engelbregt
Siba Sahabi
VANTOT vof
Alessandra Covini
Kranen/Gille

reflectie
De aanvragers van de geselecteerde voorstellen weten hun toekomstvisies goed inhoudelijk te motiveren en de beoogde strategieën zijn een logische vervolgstap. In hun voorstellen zetten zij duidelijk uiteen waar ze tegenaan lopen in de verdere ontwikkeling van hun praktijk en waarom ze op dit moment tijd willen inplannen om aan hun toekomst te werken. Behalve gericht op de toekomst zijn de strategieën ook naar buiten toe gericht én wordt er ingezet op het nemen van de regie over de eigen praktijk om te komen tot een organisatiestructuur die de zakelijke ontwikkeling bevordert.

De adviseurs stellen dat het over het algemeen in veel voorstellen nog ontbreekt aan inzicht in de betekenis van de plannen voor de praktijk van de aanvrager op de lange termijn. Zij vinden over het geheel genomen dat in deze voorstellen de visie op de toekomst niet sterk is uitgedacht en dat de beoogde professionalisering niet voldoende inhoudelijk wordt ingezet. Zij verwachten dat daardoor verdieping zal uitblijven.

Een aantal plannen is in de ogen van de commissie te sterk gericht op de uitvoering van een (artistiek) project en te weinig op de ontwikkeling van een sterk organisatiemodel. Alhoewel de commissie een aantal projecten interessant vond, heeft ze in haar keuze voorrang gegeven aan projecten die op de langere termijn gericht zijn.

vervolg in 2019
Gezien de aanhoudende urgentie van het onderwerp wil het fonds de oproep dit jaar nogmaals uitschrijven. Houd onze nieuwsbrief en website in de gaten voor de updates.

Foto: Allesandra Covini door Kyoungtae Kim
adrianuskundertunitedenterprisesweb.jpg

Selectie Open Oproep Salone del Mobile Milaan 2019

15 januari 2019

De Salone del Mobile wordt door velen gezien als dé plek om jezelf als product- en/of meubelontwerper te laten zien aan een grote groep professionals uit de internationale designwereld, allemaal op zoek naar de nieuwste ontwikkelingen binnen het vakgebied. Om de hoge kwaliteit van de Nederlandse ontwerpsector in Milaan te onderstrepen en de internationale reputatie van de Nederlandse creatieve industrie te versterken, riep het Stimuleringsfonds Nederlandse ontwerpers op om een voorstel in te dienen voor een presentatie tijdens de Salone del Mobile 2019 die plaatsvindt van 9 tot en met 14 april.
De Open Oproep Salone del Mobile 2019 leverde 29 voorstellen op. Adviseurs Lucas Verweij, Marleen Engbersen en Chris Kabel selecteerden hieruit 11 voorstellen. De selectie biedt een rijk en divers beeld van de Nederlandse ontwerpsector binnen een internationale context. En de geselecteerde voorstellen onderscheiden zich sterk in artistieke kwaliteit, presentatievorm en strategie.

De presentatievoorstellen van de volgende aanvragers zijn geselecteerd:

Stichting Cor Unum
Adrianus Kundert United Enterprises
Thijs Verhaar/Knitwear Lab
Studio Sanne Visser
Atelier Mark Sturkenboom
Audrey Large
Studio Minale-Maeda
David Derksen Design
Studio Joris de Groot
OS & OOS
Siba Sahabi

criteria
De ingediende voorstellen zijn getoetst aan de criteria die werden vermeld in de oproeptekst. Uitgangspunt voor de selectie vormden de kwaliteit van het te presenteren werk en het portfolio. De adviseurs beoordeelden de mate waarin de presentaties bijdragen aan de ontwikkeling van de internationale praktijk en het verbreden van het werkterrein van zowel de aanvrager als van de Nederlandse creatieve industrie. Daarnaast werd in de beoordeling betrokken in hoeverre de voorstellen consistent zijn opgezet en de mate waarin deze aansloten bij de doelstellingen van deze oproep en het Programma Internationalisering.

selectie
De aard van de geselecteerde voorstellen verschilt sterk. In de selectie zijn drie voorstellen opgenomen van meer toepassingsgerichte en concreet uitgewerkte ontwerpen, namelijk die van Studio David Derksen, Studio Joris de Groot en een overzichtstentoonstelling van Os & Oos. Presentaties van meer experimentele en onderzoekende projecten komen van Sanne Visser, Siba Sahabi en Studio Minale-Maeda. De presentatie van 'art-design' van Mark Sturkenboom richt zich op collectioneurs. Cor Unum en Knitwear Lab (Thijs Verhaar) tonen de innovatieve ontwerpresultaten van ontwerpers die gebruikmaken van de faciliteiten die de werkplaatsen bieden. Cor Unum presenteert keramiek van diverse, bekende ontwerpers. Het Knitwear laat live het werkproces zien waarin ontwerp en productie samenkomen en nodigt ontwerpers en labels uit om ter plekke te komen werken.

In de selectie zijn ook twee presentaties opgenomen van collectieven, namelijk Oddness van Adrianus Kundert (vier ontwerpers) en Morph van Audrey Large (vijftien ontwerpers). Beide presentaties zijn geïnitieerd en geproduceerd door jonge ontwerpers die zowel in vorm als in inhoud een alternatief geluid willen bieden op het gangbare meubel- en productontwerp in Milaan.

reflectie
Hoewel de locaties van de geselecteerde presentaties nog niet allemaal waren bevestigd, valt het de adviseurs op dat de aanvragers zich bewust zijn van de betekenis van de plek waar zij hun werk presenteren. Dit is van belang omdat de specifieke locaties in Milaan zich ieder onderscheidend van elkaar profileren. Opvallend en goed is ook dat de aanvragers in hun voorstellen inzicht gaven in de overwegingen die zij maken in relatie tot het werk dat wordt getoond, de presentatiestrategieën en de door henzelf geformuleerde doelstellingen.

Over het algemeen merken de adviseurs op dat de aard van de voorstellen een goede weerspiegeling is van de diversiteit van de Salone del Mobile. De beurs is niet langer puur gericht op meubelontwerp, maar is een plek geworden waar innovatie, creatieven in de breedste zin van het woord en de industrie elkaar kunnen vinden. De aanvragers weten volgens de adviseurs goed te omschrijven wat ze te bieden hebben in de context van de meubelbeurs.

De adviseurs zien tot slot een stijgende lijn ten aanzien van de professionaliteit van de aanvragers en de voorstellen. Dit blijkt uit de in de voorstellen getoonde beelden en de presentatiestrategieën. De adviseurs merken op dat dit geldt voor bijna alle aanvragen. Aanvragers zijn zich goed bewust van de inhoudelijke betekenis van hun werk en hun praktijk. Uit de voorstellen spreekt vaak een sterk ontwikkeld gedachtegoed.

Foto bovenaan: Adrianus Kundert United Enterprises

getagrantmaastricht.gif

24 jan: Get a Grant Event Maastricht

21 december 2018

Wanneer kan je subsidie aanvragen, hoe gaat dit in z’n werk en waar moet je op letten? Het Mondriaan Fonds en het Stimuleringsfonds Creatieve Industrie organiseren gezamenlijk een voorlichtingsbijeenkomst over bijdragemogelijkheden voor (bijna afgestudeerde) kunstenaars en ontwerpers. Kom donderdag 24 januari 2019 langs bij het Get a Grant Event bij de Maastricht Academy of Fine Arts and Design.
Het Get a Grant Event geeft een overzicht wat het Mondriaan Fonds en Stimuleringsfonds Creatieve Industrie te bieden hebben voor jonge creatieve professionals. Zoek jij financiering voor je project of praktijk? Medewerkers van beide fondsen vertellen over de subsidiemogelijkheden: wanneer kan je subsidie aanvragen, hoe gaat dit in z’n werk en waar moet je op letten? Daarnaast vertellen een beeldend kunstenaar en een ontwerper over hun ervaringen bij het indienen van een aanvraag en beantwoorden vragen uit het publiek. Aansluitend kun je specifieke vragen stellen aan de sprekers.

bijeenkomsten
Deze bijeenkomst is de eerste in een reeks van drie Get a Grant voorlichtingsbijeenkomsten die het Mondriaan Fonds en het Stimuleringsfonds dit jaar verspreid over het land organiseren.

Mondriaan Fonds
Het Mondriaan Fonds is het publieke stimuleringsfonds voor beeldende kunst en cultureel erfgoed. Het fonds biedt onder andere een scala aan bijdragemogelijkheden voor kunstenaars en bemiddelaars (curatoren en critici) op het gebied van talentontwikkeling en praktijkverdieping.

Stimuleringsfonds
Het Stimuleringsfonds Creatieve Industrie is het cultuurfonds voor architectuur, vormgeving, digitale cultuur en alle mogelijke crossovers. Naast projectsubsidies vanuit de diverse regelingen zoals Vormgeving en Digitale cultuur, stelt het fonds binnen de regeling Talentontwikkeling jaarlijks een werkbeurs beschikbaar aan zo’n 25 talentvolle jonge ontwerpers/makers voor hun artistieke en professionele ontwikkeling.

Datum: donderdag 24 januari 2019
Tijdstip: 14.30 – 16.30 (inloop 14.00, daarna mogelijkheid voor individuele vragen aan de sprekers)
Locatie: Maastricht Academy of Fine Arts and Design, Herdenkingsplein 12
Toegang: gratis
Aanmelden: meld je hier aan via het aanmeldformulier

Sprekers: Beeldend kunstenaar Sanne Vaassen, Sarah Mesritz (Current Obsessions), Niels Engel (Mondriaan Fonds) en Eva Roolker (Stimuleringsfonds Creatieve Industrie)
Moderator: Valentijn Byvanck (directeur Marres)
Voertaal bijeenkomst: Engels
loader

het fonds

subsidies

actueel

vernieuwdeonlineaanvragaomgeving.png
Het Stimuleringsfonds werkt aan een vernieuwing van de online aanvraagomgeving. Vanaf maandag 7 januari 2019 gaat het nieuwe ‘online aanvragen’ live en staat de omgeving open voor nieuwe aanvragen... meer >
deadlines2019.png
De sluitingsdata van de deelregelingen van het Stimuleringsfonds in 2019 zijn vastgesteld. De Deelregelingen Architectuur en Digitale cultuur hebben in 2019 ieder vier rondes. De Deelregeling Internat... meer >
openoproepturkijeruslandegyptemarokko4.png
Het Stimuleringsfonds Creatieve Industrie roept ontwerpers, makers, curatoren en culturele organisaties in Nederland op een plan in te dienen voor een project dat ontwerp inzet voor duurzame en inclus... meer >
loader
loader
loader