stimuleringsfonds creatieve industrie
dummy
Commissielid en gameontwikkelaar Adriaan de Jongh geeft tips aan aanvragers
adriaantiptweb.jpg

Commissielid en gameontwikkelaar Adriaan de Jongh geeft tips aan aanvragers

17 mei 2018

Gameontwikkelaar Adriaan de Jongh, bekend van titels als Bounden en Hidden Folks, is bezig aan zijn laatste jaar als adviseur van het Stimuleringsfonds. Na twee jaar deel te hebben uitgemaakt van de commissie Gamefonds en daarna twee jaar commissielid bij de deelregeling Digitale cultuur, zit zijn maximale aanstellingstermijn er bijna op. Adriaan plaatste recent een artikel op zijn website met concrete tips voor gameontwikkelaars die een aanvraag willen doen bij het fonds. Joris van Ballegooijen, coördinator Digitale cultuur, spreekt met hem over zijn visie op de Nederlandse game industrie en de aanvragen die het fonds vanuit deze hoek ontvangt.
Hoe kijk je terug op de vier jaar die je nu bij het fonds bent betrokken?
‘Ik begon als adviseur bij het Gamefonds. Destijds een samenwerking tussen het Stimuleringsfonds en het Mediafonds, dat helaas in 2017 is opgeheven. Het Gamefonds kreeg niet heel veel aanvragen, maar was dan ook heel specifiek bedoeld voor games. Er was elke ronde wel iets unieks te vinden. Mooie, bijzondere artistieke projecten met diepgang in game design. De plank werd ook vaak misgeslagen, maar dat is volgens mij bij alle subsidieregelingen zo. De commissie en de aanvragers begrepen elkaar uiteindelijk wel.’

‘Sinds games zijn ondergebracht bij de deelregeling Digitale cultuur gaat het moeizaam. Het is een bredere regeling en waar ik bang voor was, is gebeurd. Gameontwikkelaars zijn schuwer om hier een voorstel in te dienen. Onterecht, maar wel begrijpelijk. Er komen wel aanvragen voor games binnen, maar de spoeling is dunner en ze hebben zware concurrentie van meer ervaren aanvragers. Aanvragen voor games missen vaak belangrijke informatie, worden niet concreet genoeg en blijven vaak hangen in grote ambities. Dan is het moeilijk voor de multidisciplinaire commissie om te beoordelen of het project echt een bijzondere game gaat opleveren. Of wat de relevantie is voor digitale cultuur.’

Is dat ook wat je in je blog schrijft?
‘Ja, ik heb die post geschreven terwijl ik terugdacht aan al die aanvragen die ik de afgelopen jaren heb gelezen. Het is moeilijk voor makers om goede ideeën in tekst over te dragen. Dit is voor zowel de aanvrager als de commissie frustrerend. Om het plat te zeggen: een fonds kan niet zomaar geld geven in de hoop dat er iets gaafs uitkomt. Het gaat echt om wat er in het plan staat, niet om wat de adviescommissie tussen de regels hoopt te lezen. Concreet en helder schrijven is super belangrijk, maar je kan ook denken aan een filmpje of een speelbaar prototype als het moeilijk is om iets onder woorden te brengen. In mijn blog geef ik daar tips over.’

‘Leg als aanvrager uit hoe jouw visie zich concreet vertaalt naar de game’


Rami Ismail sprak op de Bring it On! bijeenkomst van het Stimuleringsfonds en zei nog steeds trots te zijn op de Nederlandse game industrie.
‘De game ontwikkelaar scene in Nederland is klein, maar er zijn zeker veel goede studio’s en makers. Ik zou niet zeggen dat ik trots ben, maar wel ‘excited’, want er gebeuren nog steeds hele interessante dingen. Toch gaat echt niet alles goed. In gesprek met Victor Wijnen (directeur Games en Interactie bij het HKU) concludeerden wij dat de industrie nog steeds tegen dezelfde problemen aanloopt als tien jaar geleden: het lukt maar weinig game ontwikkelaars in Nederland om financieel succes te boeken. Een game maken is al moeilijk genoeg, laat staan een goede game maken, en als het businessplan en de marketing niet vanaf de start goed zijn geïntegreerd, is er een grote kans dat de game zelfs niet zijn ontwikkelkosten terugverdient. Daarnaast is games maken zo duur dat het niet volledig kan draaien op subsidie. Er moet altijd een zakelijk model zijn. Dit hoeft niet te botsen met de doelstellingen van het fonds of digitale cultuur. Het fonds zou naar mijn idee bijvoorbeeld het verschil kunnen maken voor kleine studio’s in de periode vlak voordat ze met hun game naar een publisher stappen. Studio’s krijgen daar nu vaak te horen dat ze nog net niet ver genoeg zijn om in te kunnen investeren. Maar vindt als beginnende studio maar eens tijd en geld om een game tot dat vereiste niveau te ontwikkelen.’

‘Er is behoefte aan ondersteuning van kleine beginnende studio’s van 2 tot 6 mensen. Je zou het talentontwikkeling kunnen noemen. Als voorbeeld zie ik het collectief Sokpop als de volgende generatie makers waar ervaring op zakelijk vlak nog grotendeels mist. Ze hebben niet de marketing kracht om een game te lanceren. Een publisher die hun geniale producties bekostigt en op de markt zet is voor hun ideaal. Hun speelbare prototypes tot een niveau krijgen waarop een publisher toehapt, dat is de uitdaging. Daarvoor is geld nodig. En daar kan het Stimuleringsfonds naar mijn idee bij helpen.’

‘Richt de aanvraag op jouw game en vermijd buzzwords’


Moet er als er meer geld beschikbaar komt binnen de deelregeling een bedrag worden gereserveerd voor games?
‘Eerst moeten er meer aanvragen worden ingediend en moet het niveau van de game-aanvragen omhoog.’

Waar kan het fonds nog meer specifiek op inzetten?
‘Nederland is klein, en als game ontwikkelaar moet je internationaal denken. Zelfs Control Conference in Utrecht gaat dit jaar niet door. Alle belangrijke festivals zijn in het buitenland. Ik denk aan PAX East in Boston, GDC in San Francisco en Gamescom in Keulen. Hier kom je als game maker in contact met pers, publishers, platformhouders als Apple en Sony, en veel andere (succesvolle) game makers. Jouw game daar kunnen laten zien opent deuren.’

Wat ga je doen met alle tijd die je over hebt als je stopt als adviseur?
‘Ik ga in ieder geval door met rare games maken en met het organiseren van playdev.club, een laagdrempelige bijeenkomst voor game designers die elkaars games spelen en feedback geven (ondersteund vanuit de Open Oproep Ruimte voor Ontwerpkritiek, red.). Het zijn leuke avonden waar iedereen met een boekje vol aantekeningen en nieuwe contacten naar huis gaat. Het blijft kleinschalig, maar dat is oké. En misschien ga ik ooit een Nederlandse indie game award in het leven roepen. En dan uitreiken in een café met 200 mensen. Dat lijkt me lachen.’

Lees ook Adriaan's blogpost met tips voor aanvragers uit de game industrie.

meer tips
Behoefte aan meer tips voor jouw subsidieaanvraag? Lees ook de interviews met fondsmedewerker Myrthe Kramer (secretariaat) en Eva Roolker (coördinator Vormgeving).

andere subsidiemogelijkheden
Naast de Deelregeling Digitale cultuur, kunnen gameontwikkelaars voor internationale projecten aanvragen bij de Deelregeling Internationalisering en voor een presentatie op uitnodiging van een buitenlandse culturele instelling of organisatie bestaat de mogelijkheid een Voucher Presentaties Buitenland aan te vragen. Voor de artistieke en professionele ontwikkelingen van individuele makers stelt het fonds elke jaar gemiddeld 25 werkbeurzen beschikbaar via de Deelregeling Talentontwikkeling.

Foto bovenaan: Jimmy On The Run

meer nieuws

openoproepprofessionaliseringontwerpprak.png

Open Oproep Professionalisering Ontwerppraktijk #4

18 september 2018

Het Stimuleringsfonds Creatieve Industrie geeft een impuls aan de praktijkverdieping en professionalisering van ontwerpers en ontwerpstudio’s binnen het vakgebied vormgeving. Ontwerpers en studio’s kunnen tot en met 14 november 2018 voorstellen indienen voor het ontwikkelen van onderscheidende strategie om tot een toekomstbestendige praktijk te komen.
Het ontwikkelen van een langetermijnvisie en -strategie is belangrijk voor je ontwerppraktijk. In een professionele praktijk plan je tijd in voor zowel je artistieke ontwikkeling als voor je ontwikkeling als ondernemer. Hoe vind je de juiste balans tussen beide? Welke visie heb je op de toekomst en met welke strategie bereik je dat?

Het fonds werkt aan een toekomstbestendig ontwerpveld door verbindingen tussen cultuur, ondernemerschap en maatschappij aan te jagen. Door voorbeeldstellende onderzoeken op het gebied van reflectie en praktijkverdieping mogelijk te maken, beoogt het fonds het ontwerpveld te versterken. Een ontwerppraktijk is onderhevig aan de maatschappelijke veranderingen en is gebaat bij een up-to-date ontwikkelstrategie.

Deze oproep wordt voor de vierde keer uitgezet. Bekijk hier de toekenningen van de eerdere oproepen.

Dien een voorstel in voor een onderzoek naar een passende strategie voor de ontwikkeling en verdieping van je ontwerppraktijk. Benoem de benodigde expertise om de strategie te concretiseren en te implementeren. Besteed in het voorstel aandacht aan de reflectie op ontwikkeling van de eigen praktijk, in relatie tot de positie in het werkveld.

indienen
Het voorstel kun je tot en met woensdag 14 november 2018 indienen via de online aanvraagomgeving van het Stimuleringsfonds Creatieve Industrie. Lees hier meer over deze open oproep en hoe hiervoor in te dienen.

meer weten?
Voor vragen over de open oproep en de procedure kun je het fonds telefonisch bereiken via 010-4361600. Of per e-mail contact opnemen met stafmedewerker Hugo van de Poel, stafmedewerker Andrea Kristić of coördinator Eva Roolker. Voor deze open oproep kan geen concept van het voorstel aan het fonds worden voorgelegd.
ldfweb.jpg

26 Nederlandse ontwerpers tonen werk tijdens London Design Fair 2018

6 september 2018

Van 20 tot en met 23 september vindt de London Design Fair plaats. Het Stimuleringsfonds maakt samen met de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland het paviljoen Dutch Stuff mogelijk waar 26 Nederlandse ontwerpstudio’s, collectieven en ontwerpers hun werk tonen.
Na een succesvol debuut in 2017, vindt Dutch Stuff voor de tweede maal plaats in de Old Truman Brewery. Oprichter en curator van het paviljoen Jimmy MacDonald omschrijft zijn fascinatie voor Nederlandse designers als volgt:‘The Netherlands has always been our go-to country for experimental design which is central to the curation of this second edition of Dutch Stuff. As many of the designers have been sourced over the last 10 months we are excited to see where these experiments have led and how they may have manifested in new products and collections by September.’

veelbelovend ontwerptalent
In 2018 krijgen de 26 deelnemers meer ruimte om zich te presenteren, waardoor bezoekers meer gelegenheid hebben om in gesprek te gaan met de ontwerpers, het werk te bekijken en kennis te maken met de achterliggende concepten. Dutch Stuff is bewust opgezet als een eclectische, multidisciplinaire presentatie die de breedheid van de Nederlandse ontwerpdiscipline vertegenwoordigt. Het paviljoen toont meubelontwerp, lichtontwerp, textiel, keramiek en vrije vormgeving, zoals objecten en installaties. De selectie is een mix van veelbelovend ontwerptalent en meer gevestigde namen die in hun werk experimenteren in methodiek, materiaal en samenwerkingsvormen.

Onder de deelnemers zijn alumni van de Deelregeling Talentontwikkeling zoals Alissa+Nienke en Boris de Beijer. Ook ontwerpers die eerder zijn ondersteund voor deelname aan de Salone del Mobile in Milaan doen mee, zoals Earnest Studio en VANTOT.

panelgesprek
Op 20 september van 10.30 tot 12.30 uur organiseert het Stimuleringsfonds in samenwerking met London Design Fair en de Nederlandse Ambassade een paneldiscussie gemodereerd door vormgever Ineke Hans en designcriticus Max Fraser. Samen met enkele van de deelnemende ontwerpstudio’s gaan de moderatoren in het paviljoen in gesprek over de artistieke en professionele kansen en uitdagingen voor Nederlandse ontwerpers op de Britse markt.

deelnemers
VANTOT
lennartlauren
Studio Simone Post
Systemises
Studio Plott
Studio Johan Viladrich
Martijn Rigters
Nina van Bart
Studio Laurids Gallee
Boris de Beijer
Fabian Briels & Hans van Sinderen
REM atelier
Maria Tyakina Studio
Studio Ro-Smit
Atelier van Middendorp
Bart Joachim
Creative Chef
Earnest Studio
Alissa+Nienke
forever studio
Studio Jeroen Wand
Christian Hammer Juhl
OS & OOS
Made by Rens
londondesignfairsophiemutevelianweb.jpg

internationalisering
Het Stimuleringsfonds ondersteunt het paviljoen met een bijdrage vanuit de flankerende middelen van het programma Internationalisering. Door de bijdrage van het fonds kunnen Nederlandse (jonge) ontwerpers hun werkterrein verbreden en zich beter positioneren in het internationale werkveld.

Foto's: London Design Fair, Dutch Stuff 2017 door Sophie Mutevelian

holland2018gamescom64web.jpg

Nederlandse gamedevelopers presenteren zich op Gamescom 2018

6 september 2018

Ongeveer 370.000 bezoekers afkomstig uit 114 landen brachten eind augustus een bezoek aan de Gamescom in Keulen, de belangrijkste Europese beurs voor consumenten en professionals in de gamesindustrie. Voor gamebedrijven en individuele ontwikkelaars is dit dé plek om te netwerken en structurele relaties op te bouwen in binnen- en buitenland. Het Stimuleringsfonds ondersteunde voor de vierde keer de Dutch Game Association (DGA) voor de organisatie van het Nederlands paviljoen.
De stijging in het aantal deelnemende landen en professionele bezoekers onderstreept het internationale karakter van de Gamescom en het belang van Europa’s meest toonaangevende business platform op het gebied van games. Nederland behoort samen met Oostenrijk en het Verenigd Koninkrijk tot de top drie meest groeiende landen in het business gedeelte van de beurs.

netwerken: B2B
In het Nederlands paviljoen op het B2B-gedeelte van de beurs presenteerden vijf gameontwikkelaars hun game met steun van het fonds. De combinatie van indie-developers en presentaties van enkele grotere Nederlandse gamestudio’s wierp opnieuw zijn vruchten af. Volgens de indie-developers functioneerde het paviljoen als een belangrijke ontmoetingsplek voor nieuwe professionals en vormde een waardevolle aanvulling op alle geplande meetings met publishers, gameontwikkelaars, media en investors. Luuk Waarbroek van gamestudio Napalm Tree bijvoorbeeld sprak met potentiële leads. Ook indie-ontwikkelaar Erik Habets van Fromto heeft veelbelovende stappen gemaakt in het vinden van een publisher. Ontmoetingen met internationale contacten zijn hier gewoonweg eenvoudiger in te plannen. Overal worden hier deals gesloten. Daarmee is dit evenement het netwerkevent bij uitstek binnen de Europese en globale game industrie.

holland2018gamescom57web.jpg

publiek: B2C
Daarnaast ondersteunde het Stimuleringsfonds twee Nederlandse gamedevelopers – KeoKen en Ronimo Games – voor hun aanwezigheid op de Indie-Arena in het B2C-gedeelte. Door de massale opkomst hebben de studio’s de mogelijkheid om in korte tijd hun game onder een breed publiek te promoten. Beide stands kenden een grote drukte en kregen veel belangstelling van het publiek. Joost van Dongen van Ronimo Games: ‘Het persoonlijk contact met consumenten op de Gamescom geeft veel voldoening en is erg nuttig voor het vinden van nieuwe afnemers.’

Show Your Courage
Games maken is één ding, maar het vervolgens succesvol in de markt zetten is iets anders. Op de Gamescom lopen allerlei belangrijke partijen rond die gamebedrijven hierbij kunnen helpen, maar jonge developers zijn vaak nog niet erg ervaren met pitchen en netwerken. Dit gegeven was de aanleiding voor de Dutch Game Association en Dutch Game Garden voor het organiseren van Show Your Courage. Een selectie van veteranen van de game industrie werden geïnterviewd over uiteenlopende onderwerpen binnen de sector. Zo kregen anderen de kans om in gesprek te gaan met peers en te leren van hun ervaringen. Het hele programma is in hoge kwaliteit gefilmd en is spoedig terug te vinden op de website van DGA.

holland2018gamescom41web.jpg
Bezoekers spelen de game Mish Mash ontwikkeld door Doron Hirsch waarbij spelers van het spel zelf onderdelen van de game stap voor stap tekenen.

Foto's: Dutch Games Association (DGA)

logosweb.png

Rijkscultuurfondsen zetten vaart achter inclusiviteit

23 augustus 2018

Goed werkgeverschap bij gesubsidieerde instellingen en kunstenaarshonoraria zijn deze week onderwerp van gesprek in het jaarlijkse Paradiso-debat. Belangrijke onderwerpen. Het debat over kunst en cultuur zal aanzwellen, en dat is goed.

Voor ons, de zes rijkscultuurfondsen en de Nederlandse Unesco Commissie, is in het verlengde daarvan duidelijk en onontkoombaar: een inclusieve cultuursector, diversiteit van makers en publiek en pluriformiteit van uitingen hebben topprioriteit in de periode die voor ons ligt.
Ja, daar is de afgelopen twintig jaar ook aan gewerkt. En ja, dat heeft mooie dingen opgeleverd. Maar wij vinden dat niet voldoende. Het is tijd voor niet-vrijblijvende doorbraken. Middelen moeten echt voor bredere groepen beschikbaar komen. Veel meer en onderling verschillende mensen moeten theater- en concertzalen en musea kunnen vinden. Diversiteit in de meest brede betekenis van het woord wordt vanzelfsprekend als het aan ons ligt, zowel op het podium als achter de schermen. Omdat dat past bij de maatschappij van vandaag en ook omdat we daar internationale afspraken over hebben gemaakt. We vergeten het wel eens, maar ook Nederland is verplichtingen aangegaan in een Unesco-verdrag over de diversiteit en pluriformiteit van cultuuruitingen. We zien met soms lede ogen aan hoe het gepolariseerde maatschappelijke en politieke debat, met steeds zwaardere nadruk op identiteit, mensen eerder in een hokje plaatst dan eruit bevrijdt. We zien en ervaren hoe benauwend dat hokje voor kunstenaars is. Voor schrijvers, beeldend kunstenaars, theatermakers, ontwerpers, filmmakers. Dat moet veranderen.

Gezamenlijk zullen wij in de komende periode de volgende acties ondernemen:
Als eerste: we geven de verhalen die nu niet gehoord worden een podium. We maken budget vrij om deze verhalen te vinden en ze te steunen: door ze zichtbaar te maken, door ze van het regionale naar het nationale landelijke podium te brengen. We zorgen dat makers weten waar ze met hun verhalen terecht kunnen. Dat ze niet in kleine kring blijven terwijl ze een grotere verdienen. Subsidieaanvragen zullen we mede beoordelen op representativiteit, doelgroep en thematiek. We hebben een netwerk van broedplaatsen, labs, hubs, festivals en matchmakers in de regio en verenigen onze krachten op zoek naar nieuwe verhalen.

Ten tweede: jongeren zijn experts in diversiteit, en tonen de kracht ervan. Ze hebben nieuwe netwerken, ontdekken nieuwe genres, komen op andere manieren aan hun informatie – via apps en sociale media. De vernieuwende kracht van jongeren – die er altijd is geweest – omarmt de veranderde samenstelling van de maatschappij. Vanuit onze rol om talent en vernieuwing ruimte te geven, stimuleren we niet alleen de doorontwikkeling van gevestigd talent maar juist ook die van beginnende makers.

Als derde: onze eigen organisaties en adviseursnetwerken. Immers, als we zelf een inclusieve en diverse organisatie zijn, komt er meer pluriformiteit in de verhalen die naar boven en naar binnen komen. We hanteren concrete doelen bij het aannamebeleid van personeel en voor de samenstelling van ons adviseursnetwerk. We beoordelen adviseurs, commissies en personeel op hun ervaring met diversiteit. En we maken culturele sensitiviteit onderwerp van gesprek bij functioneringsgesprekken.

We willen dat diversiteit een vanzelfsprekendheid is. Dat alle verhalen verteld worden en dat alle verhalen gehoord worden.

We willen voorbij aan de toon van de discussie waarin niet zelden een valse noot klinkt, bijvoorbeeld dat selectie van kunstenaars met een andere culturele achtergrond kunstmatig zou zijn. Het gaat bij selectie om de kracht van het werk en het verhaal dat wél wordt verteld.

Die discussie onderstreept voor ons hoezeer we toe zijn aan een volgende stap, voorbij aan de huidige status quo waarin we steeds maar weer benoemen wat anders is. Diversiteit is niet de uitzondering maar de regel zelf: dat is onze toekomst. Wij gaan aan de slag met deze verhalen en doen dat graag samen met de collega’s in de cultuursector.

Doreen Boonekamp (Nederlands Filmfonds), Birgit Donker (Mondriaan Fonds), Andrée van Es (Nederlandse Unesco Commissie), Syb Groeneveld (Stimuleringsfonds Creatieve Industrie), Jan Jaap Knol (Fonds voor Cultuurparticipatie), Tiziano Perez (Nederlands Letterenfonds), Henriëtte Post (Fonds Podiumkunsten)

downloads

dacoc12of39.jpg

22 okt: Designing a Community of Care | From creative research to practice

22 augustus 2018

Tijdens de Dutch Design Week 2018 organiseren het Stimuleringsfonds Creatieve Industrie en Waag de netwerkbijeenkomst ‘Designing a Community of Care: From creative research to practice’, in samenwerking met Aedes-Actiz Kenniscentrum Wonen-Zorg en Atelier Rijksbouwmeester: team Who Cares. We nodigen u van harte uit.
In Nederland vinden we de zorg opnieuw uit. Vergrijzing, decentralisatie en technologische ontwikkelingen stellen nieuwe eisen aan het zorgaanbod in onze wijken. Het Stimuleringsfonds en Waag geloven in de kracht van ontwerp bij deze transitie van zorg in de wijk.

wat u kunt verwachten?
een inspirerende keynote lezing door Prof. Paul Chamberlain, design director Lab4Living Sheffield Hallam University, en Dr. Claire Craig, health director Lab4Living Sheffield Hallam University, beide oprichters van de conferentie en het tijdschrift Design4Health;
kennismaken met andere geïnteresseerden waaronder zorgprofessionals en ontwerpers;
een rondleiding door de tentoonstelling ‘Chronische gezondheid’ in de Embassy of Health, over de rol van ontwerpers binnen de zorg.

Wilt u samen met ons bouwen aan een community of practice?
Kom dan op 22 oktober naar Designing a Community of Care in de Embassy of Health, Innovation Powerhouse op Strijp-T, Eindhoven.
Het programma is in ontwikkeling en wordt binnenkort aan deze pagina toegevoegd. Houd hiervoor de communicatiekanalen van het fonds in de gaten.

Designing a Community of Care
Aanleiding voor deze bijeenkomst is de Open Oproep Designing a Community of Care, die het fonds in het voorjaar van 2018 uitschreef. Dertien projecten zijn van start, waarin ontwerpers samen met gemeenten, zorgaanbieders en woningcorporaties aan de slag gaan met de veranderingen in zorg in de wijk. Meer informatie vindt u via deze link.

keynote sprekers
Prof. Paul Chamberlain, design director Lab4Living Sheffield Hallam University
Dr. Claire Craig, health director Lab4Living Sheffield Hallam University

Goed design kan veel betekenen voor de maatschappij, maar hoe kunnen ontwerppraktijken en -processen de uitdagingen aangaan waarmee de 21ste eeuw te kampen heeft? Paul Chamberlain stelt dat design net zo goed gaat over het definiëren van de vraag als het bieden van een antwoord, en dat interdisciplinaire samenwerking het startpunt is voor nieuwe creatieve mogelijkheden. Claire Craig heeft in haar vorige functie als ergotherapeut in de zorgsector ervaring opgedaan in het bevorderen van het welbevinden van ouderen. Zij is van mening dat design hierin een sleutelrol vervult.

tentoonstelling: Chronische Gezondheid
De Embassy of Health is een initiatief van Waag, VanBerlo, Philips, Máxima Medisch Centrum, U Create en de Dutch Design Foundation. Met de tentoonstelling ‘Chronische Gezondheid’ wordt getoond hoe we gezamenlijk de zorg vormgeven. We tonen hoe zorgproducten of -services niet op zichzelf staan maar interacteren binnen een complexe zorgomgeving. De tentoonstelling dompelt de bezoekers onder in een interactieve omgeving, en laat hen beleven wat de rol van design voor de zorg is en kan zijn: zowel nu, als in de nabije en verre toekomst.

praktische informatie
datum: Maandag 22 oktober 2018
tijd: 13.00 - 17.00 uur
locatie: Innovation Powerhouse (Strijp-T), Zwaanstraat 31a, 5651CA Eindhoven.

aanmelden
De bijeenkomst is kosteloos. Meld u aan door een e-mail te sturen aan [email protected] o.v.v. Designing a Community of Care. Vermeld hierbij uw naam, functie en organisatie. De inschrijving gaat op volgorde van aanmelding.

op de hoogte blijven?
Blijft u graag op de hoogte over de ontwikkelingen rondom Designing a Community of Care en ander zorggerelateerd nieuws van het fonds? Schrijf u dan in voor de nieuwsbrief Zorg door een e-mail te sturen aan [email protected] o.v.v. 'aanmelden nieuwsbrief Zorg'.

Foto bovenaan: Sander van Wettum
loader

het fonds

subsidies

actueel